Ik ben slecht in titels bedenken

Hello, my dear blog readers! Ik verveel mij. Daarnaast heb ik ook geen internet op dit moment. Aangezien het ook weer hoog tijd werd een nieuw blog te posten, voel ik mij zeer gedwongen weer eens te schrijven. Nu moeten jullie het niet zien alsof ik mezelf dwing tot stomme dingen doen, slechts omdat jullie weer zitten te smachten naar een nieuw verhaal. Ik doe dit echt volledig uit vrije wil. Vol-le-dig. Dus hier komt ‘ie hoor. Zitten jullie er weer helemaal klaar voor om een geweldig meemaaksel van Nina Leek te lezen? Want het wordt weer een tof verhaal hoor! (Bluf, bluf, ik ben op dit moment heel hard aan het nadenken hoe ik nu weer iets leuks kan verzinnen).

Afgelopen week hebben we het bij Chedra lekker rustig aan gedaan. Maar we zijn daarentegen zeker niet onproductief geweest! We hebben ondanks de relaxte sfeer van alles en nog wat gedaan. Aan het begin van de maand maken we een planning, maar de lokale vrijwilligers hadden ons hierbij ook heel stevig op het hart gedrukt dat we flexibel moesten zijn. En inderdaad, zouden we eigenlijk een wasrek gaan bouwen, blijkt het dat we toch opeens een les moeten gaan geven. Ik dacht van mezelf dat ik dat continue aanpassen lastig zou vinden, maar dat kwaaltje is hier in Uganda totaal verholpen. Gaan we vandaag 500 kuikens vaccineren? Okeeuuuuu. Moeten we 3 uur wachten tot de taxi komt? Okeeeeuuuu. Ik vind het tegenwoordig allemaal best.

We hebben inderdaad afgelopen week meer dan 500 kuikentjes gevaccineerd en geteld. Dan moesten we een druppeltje antibiotica in hun oogje druppelen. Daarnaast hebben we ook bordjes met teksten gemaakt voor de school waar we vaak zijn. Teksten als: ‘Aids kills’ en ‘Say no to sex’. Ik ben het er natuurlijk totaal mee eens dat je dit soort bordjes rondom een basisschool plant.

We zijn ook de ‘community’ ingegaan. Je komt dan langs een paar huisjes en moet vervolgens een barre lange tocht door de jungle maken terwijl je wild met een kapmes om je heen slaat om de tijgers van je af te houden om vervolgens bij een vervallen kleien huisje aan te komen. Hier ga je kijken wat deze mensen nodig hebben. Een paar voorwaarden voor een compleet huis zijn: een stove (een soort fornuis van klei), een afwasrek, een afvalgat, een washokje etc. De dagen hierna zou het dan de bedoeling zijn dat je deze dingen daadwerkelijk voor hen gaat bouwen. Dit is nog niet helemaal gebeurd. Wel hebben we zo’n 3000 pinda’s gedopt die we vervolgens zelf mee mochten nemen… Nu doe ik natuurlijk net alsof dit bezoek niemand iets heeft opgeleverd, behalve een paar pinda’s, maar dat is absoluut onwaar!

Toen wij namelijk richting een huis liepen kwamen we twee kleine jongetjes bij een watertank tegen. Deze twee waren ongeveer 3 en 5 jaar oud. En je zult het misschien niet geloven (misschien ook wel), maar deze jongetjes waren water aan het halen voor het hele ‘gezin’! En dan zijn er in Nederland soms kinderen van 6 die nog in een buggy zitten! Het woord gezin staat tussen haakjes want hun moeder heeft hen verlaten en de vader wil geen geld aan ze besteden om ze bijvoorbeeld naar school te laten gaan. Nu is het hun oma die voor ze zorgt. Deze vrouw heeft erg haar best gedaan ze naar school te kunnen laten gaan, maar op een gegeven moment was simpelweg haar geld op. Je kon ook wel duidelijk zien dat ze erg arm waren.

De kleren van de twee jochies was amper nog kleding te noemen. Het waren vieze flarden die om hun lichaampjes heen hingen. Daarnaast hadden ze van die verschrikkelijk dikke buikjes. Dit wees blijkbaar naast ondervoeding er ook op dat ze waarschijnlijk heel erg wormen hebben. Nu zijn wij met z’n allen naar de markt geweest en hebben we kleding voor ze gekocht! Daarnaast heeft Rianne ook de juiste medicijnen voor ze gekocht. Je had die gezichtjes moeten zien toen ze de kleding aantrokken! Ze waren zo blij. Het voelde echt zo goed om dit te doen. Rianne en Merel hebben van hun donatiegeld nog meer kleding gekocht om meer kinderen te helpen!

Dit weekend heb ik heerlijk gerelaxed aan Lake Nabugabu met een paar andere vrijwilligers. Helaas kun je hier beter niet in zwemmen, omdat er nog steeds gevaar voor bilharzia is, zo’n vies wurpje dat je lichaam in kruipt bah! Hoe lekker het water er ook uitzag, ik heb liever geen beesten in mijn lichaam :) .

Nu zit ik voor twee daagjes bij een ander project, Lwengo. Ik had veel goede verhalen over dit project gehoord en was sowieso ook heel benieuwd hoe het er bij andere projecten aan toe ging. De eerste dag dat ik hier aankwam hebben we maar een half dagje gewerkt. We gingen de ‘reading club’ doen. Geen idee wat ik me daarbij voor moest stellen. Ja lezen, duh. Maar het bleek uiteindelijk dat we in het Engels moesten voorlezen aan kinderen. Dat is alles wat ik te horen kreeg. Toen werd er een boek in m’n handen gedouwd en zo’n 20 kinderen bij me gedumpt en LET’S GO! Ik werd er echt bloednerveus van. Is er niemand die mij vertelt wat ik precies moet doen? En waarom zouden ze naar mij luisteren? Ik stond er nu voor de eerste keer toch echt helemaal alleen voor. Wow, best eng zeg. Ik zette me schrap en ik ben begonnen aan het voorlezen van een verhaal over een bruiloft.

De kinderen deelden ongeveer één boek met zijn vijven. Volgens mij volgden ze het hele verhaal niet echt. Ik heb daarna omstebeurt een kind uitgekozen die vooraan de klas een paragraaf mocht voorlezen. Al gauw kwam ik erachter dat je hierbij niet de hele klas goed kon betrekken en dat de meesten uit hun neus zaten te vreten. Toen heb ik zelf lastige woorden uit de tekst uitgekozen en op het bord geschreven en de kinderen het op de goede manier laten uitspreken.

Daarnaast probeerde ik ze ook woorden uit te leggen. Bijvoorbeeld het woord ‘wrapped’. Eerst vertelde ik dat je cadeautjes ‘wrapped’ zijn, maar zulke cadeaus kennen ze hier niet echt. Toen bedacht ik me dat ze hier ‘matoke’ maken, een soort bananenprutje. Dit maken ze door de bananen in bananenbladeren te doen. ‘Matoke is wrapped in banana leaves’ had ik er toen van gemaakt. Ik hoop echt dat ik ze toch iets heb geleerd door dit lesje! Misschien niet bizar veel, maar hopelijk wel net dat ene woordje ‘wrapped’ bijvoorbeeld! Uiteindelijk vond ik het super leuk om te doen, ondanks dat ik het zo eng vond :) .

Vandaag was ook een leuke dag. Het eerste dagdeel hebben we geholpen in een health-clinic. Een wat oudere dame die ook bij Lwengo zit, heeft baby’s gewogen en ik heb samen met Simone, een leuke meid van 17, de administratie van de vaccinaties van de babietjes bijgehouden. Dit was echt super om te doen! Moeders kwamen met de kindjes binnen en leverden een formulier in. Simone en ik zorgden er dan voor dat bepaalde gegevens werden opgeschreven. De zuster gaf de kinderen dan vervolgens de vaccinatie en soms mochten Simone en ik zelf ook vitamine A geven! Dit deden we door heeeel professioneel een soort capsule met een naald te doorboren en de inhoud hiervan in het mondje van de baby te druppelen. Het was misschien niet heel lastig werk, maar wel super interessant en leuk om een keer gezien te hebben!

Ik heb weer een paar bijzondere dingen meegemaakt, die ik niet gauw zal vergeten. Ook heb ik even terzijde nog cassave en suikerriet gegeten, twee dingen die ze hier heel vaak eten. Dat suikerriet lijkt op een soort bamboestengel. Het heeft een hele harde schors, maar de Ugandesen rukken dat er zo af met hun tanden. Dan zit er daarbinnen een soort… spul waar je op moet kauwen en weer uitspugen. Er komt een soort heerlijke zoete sap uit, die eigenlijk precies naar rietsuiker smaakt (oh echt waar?).

Tot dusver de meemaaksels van Leekie in Uganda. Mijn tijd in Uganda zit er over anderhalve week alweer op. Time flies! Dan ga ik naar Malawi. Ik ben zo benieuwd hoe ik de verschillen tussen deze twee landen zal ervaren! Ik hoop nog een blogje te gaan schrijven voor ik naar Malawi vertrek, maar misschien heb ik daar wel helemaal geen zin in joh. Hee, wel een beetje flexibel blijven he ;) .

Groetjes, Namiya!

Ugandese cultuur

image
Nu ik hier een maandje zit, leer ik de cultuur beetje bij beetje steeds beter kennen. Vooral omdat je vrijwilligerswerk doet en daardoor veel in contact komt met lokale mensen leer je de cultuur echt goed kennen.

Wij wonen ook midden in de ‘community’. Onze buren zijn bijna allemaal vrouwen. Twee van de vrouwelijke buren hebben een kind. En de man? Die is nooit te bekennen. De mensen die om ons heen wonen zijn arm, ze wonen in een huisje met één bed. Ons prullenbakje met plastic flessen, gebruikte papieren en etenswaren wordt dagelijks geplunderd.

De plastic flessen worden vaak hergebruikt om bijvoorbeeld olie in te bewaren. De papieren en soms zelfs koekverpakkingen worden gebruikt om de billen mee af te vegen… Vaak vinden wij de inhoud van onze prullenbak dus ook terug in de latrines.

Als wij eten of kleren of iets anders overhouden geven wij dit vaak aan onze buurvrouwtjes. En je moest eens weten hoe blij ze zijn met een lap stof!
Heel af en toe komt de man van een van deze vrouwen toch even langs. In Uganda mag een man meerdere vrouwen hebben. Vrouwen staan hier onder de man en elke vrouw moet respect hebben voor mannen, andersom niet natuurlijk… Als een vrouw een (oudere) man bezoekt of tegenkomt moet zij voor hem buigen. Soms moeten meisjes ook voor oudere vrouwen buigen. Als man hoef je voor niemand te buigen. Ik was ook laatst op een schooltje waar een klein meisje voor mij boog. Ik vond het zo verschrikkelijk om te zien en ik wist ook niet hoe ik ermee om moest gaan.

Toen wij aan onze lokale vrijwilligers vroegen waarom mannen meerdere vrouwen mogen hebben was het antwoord dat er meer vrouwen dan mannen op aarde waren en dat de vrouwen over de mannen verdeeld moesten worden. Er werd mij ook een verhaal verteld van een oude gewoonte. Wanneer je als vrouw in het openbaar fluit, dat ze dan je ‘private parts’ weg mogen halen… Vroeger geloofden vrouwen hier zelfs dat ze een snavel konden krijgen als ze in het openbaar floten!
Nog iets anders wat ik wel bijzonder vind hier, is dat je bij je geboorte een zogenaamde clan toegewezen krijgt.

Je kunt bijvoorbeeld bij de leeuwen-clan, harten-clan of een of andere planten-clan (en nog veel meer) horen. Je mag niet je eigen clan eten! Ik behoor bijvoorbeeld tot de ‘mamba-clan’, een soort vis en die mag ik dus niet eten. Als je iemand tegenkomt van dezelfde clan, dan is dat jouw broer/zus/vader/moeder etc.

Je mag nóóit met iemand van dezelfde clan trouwen! Toen onze projectleider, Moses, vroeg of wij ook clans in Nederland hadden, was hij helemaal verbaasd dat het niet zo was. ‘Maar dan plegen jullie toch incest?!’. Het gevolg van het plegen van incest is volgens Moses dat het bijvoorbeeld winter wordt in Nederland. Daarnaast kun je natuurrampen veroorzaken en krijg je half zwarte, half witte kinderen. Toch best bijzonder dan dat ik geen duopenotti kinderen ken in Nederland en nog nooit een tsunami heb meegemaakt.
Soms vind ik de cultuur moeilijk te bevatten, maar ik snáp het wel.

Het land loopt nog heel erg achter en is niet zo modern en geëmancipeerd als het Westen. Wat ik écht lastig vind, is dat ze ónze visie gewoon totaal niet snappen. Wanneer je hen probeert uit te leggen hoe sommige dingen in Nederland gaan, verklaren ze je voor gek.

Stel je voor dat er opeens iemand naar jou toe komt om jou te vertellen dat je kunt vliegen. Dan verklaar je ze ook voor gek, omdat jij dat nog nooit zo hebt meegemaakt en zo ben je ook niet opgevoed. Maar dit is juist waarom ik zo graag naar een Afrikaans land wilde. Toch geweldig om te zien hoe mensen aan de andere kant van de wereld over sommige dingen denken?

Nee, natuurlijk ben ik het er niet mee eens. Maar dat zet me ook aan het denken. Hoe ontzettend gelukkig mag ik (als vrouw) zijn dat ik in Nederland ben geboren! En hoe blij mag ik zijn dat ik gewoon overal mag fluiten waar ik wil! Lang leve Holland!

Kusjes, Namiya (mijn Ugandese naam)

Het échte vrijwilligerswerk

Hoi! Ik heb natuurlijk al veel te lang niet geschreven! Maar daar kan ik eigenlijk niets aan doen… Ik was vorige week niet zo lekker geworden en heb toen op aandringen van Fleur en Eva toch maar een malariatestje gedaan. En ja hoor: ‘You have malaria, but not so much’. Gelukkig maar dat ik in ieder geval wist wat ik had! Dat weekend zouden we naar Lake Bunyoni gaan en heb ik mijn malariakuur meegenomen en daar afgemaakt. De eerste dagen daar voelde ik me slapjes maar de laatste dag van de kuur weer helemaal prima! Yes, ik ben van de malaria af dacht ik! Maar helaas… De dag erna was ik weer ziek :( .

dovenschooltjeIk wilde me niet aanstellen, want ik was immers net van de malaria af. Toen ben ik weer op aandringen van de anderen langs de dokter gegaan, gelukkig samen met onze top regiocoördinator Ruben. Daar kwamen we aan in een oranje halletje en werd ik bijna direct geholpen. De dokter vroeg aan mij of ik ooit maagzweren en buiktyfus had gehad… Ook of ik hiv positief was. Ehh nee meneer, dat heb ik allemaal nog nooit gehad. Toen ik mijn klachten vertelde zei hij telkens: ‘Oh I’m sorry.’ Waarop ik dan zei: ‘Ehhh it’s not your fault…’.

Uiteindelijk heb ik nog bloed laten prikken. Na eventjes wachten kwam de uitslag: Geen malaria (en waarschijnlijk nooit gehad), maar wel een vervelend bacterietje. De Brucellose bacterie. In Nederland zijn er daar maar 4 gevallen per jaar van, maar hier in Uganda toch wel wat vaker. De bacterie zit vooral in vee en vee in Nederland wordt goed gevaccineerd, maar hier helaas niet. Vervolgens heb ik zo’n gevaccineerde koe of varken op mijn bordje gekregen, die helaas niet goed doorbakken is geweest. Nu een maand lang aan de antibiotica olé! (En voorlopig geen vlees meer).

Ik heb dus de afgelopen dagen  niet heeel veel gedaan, omdat ik alleen maar een beetje op bed lag. Maar gelukkig afgelopen vrijdag hebben we nog wel iets heel bijzonders gedaan! Wij mochten lesgeven op een dovenschool. Ik vond het sowieso al heel bijzonder dat ze hier een dovenschool hebben, aangezien er al heel veel kinderen niet eens naar school kunnen, laat staan de dove kindjes. Toen we bij de school aankwamen, zagen we dat de school er echt heel goed uitzag (voor Ugandese begrippen). Prachtige schilderingen op de muren en ook de materialen die ze bezaten waren niet mis! Wat we ook heel opvallend (en vooral grappig) vonden, waren bepaalde teksten op de muren: ‘Virginity is healthy’ en ‘Manage your wet dreaming’.

Dat soort teksten zie je wel vaker staan, maar deze maakte ons wel een beetje aan het giechelen. Vervolgens zagen we een paar kinderen staan en wilden automatisch zeggen: ‘Hello! Oli otya?’. Maar dan besef je je dat ze je helemaal niet kunnen verstaan. Dan maar heel wild zwaaien. Er kwam een jongetje naar ons toe en begon aan onze armen te trekken en een soort kreungeluiden te maken. We wisten allemaal niet zo goed wat we daarmee aanmoesten. Later vertelde een leraar dat hij natuurlijk doof was, maar dat hij wel doorhad dat als ie geluid maakte dat hij zo de aandacht kreeg.

Na een rondleiding zouden we ook nog lesgeven. We waren al om 9:30u bij het schooltje, maar we zijn in Uganda… Dus mochten we pas om 12:00 beginnen met het lesje. We hadden een les bedacht over de Schijf van Vijf, gezond eten. Eerst wilden we het over hygiëne hebben, maar dat hadden waarschijnlijk de 50 vrijwilligers voor ons ook al gedaan. Ik vond het super spannend, want hoe geef je in godsnaam les aan dove kinderen? Natuurlijk was er wel een tolk bij, maar hoe maak jíj zo’n les dan leuk?

Gelukkig hadden Lisa, Fleur, Eva en ik wel iets leuks bedacht. Het zijn natuurlijk dove kinderen, ze horen niks. Dus waar speel je dan op in? Het zicht! Eerst vertelden we over ondervoeding en gezond eten en aan het einde deden we een quizje. Ze moesten nu zelf de voedingswaren in de schijf van vijf invullen. Dit deden we door de voedingswaren aan ze te laten zien (we hadden een ei gekocht, een zak rijst, water, fruit, groente, zout, etc.).

Degene die de meeste goed had won een prijsje! De meesten deden goed mee en uiteindelijk hadden we een winnaar. Omdat ik bang was dat ze het na deze les allemaal weer zouden vergeten, heb ik voor iedereen een blaadje gemaakt met de schijf van vijf erin en de regels die je moet onthouden bij gezond eten. Nu maar hopen dat ze er geen vliegtuigje van vouwen, maar er echt iets van opsteken!
De eerste maand is alweer voorbij. De vrijwilligers van deze maand zijn eergisteren vertrokken en morgen komen de nieuwe aan. Helaas hebben we afscheid van Fleur genomen en ook een beetje van Eva. Nu zit ik met Lisa in Masaka backpackers en hebben we gisteren heerlijk luxe aan het zwembad gezeten. Na ziek zijn en goed werk op het dovenschooltje verdien ik zoiets wel! Hopelijk kan ik volgende week weer hard aan het werk zodat ik weer een excuus voor het zwembad heb ;) .

Groetjes! XXX