T.I.A.

De laatste maand van mijn avontuur is aangebroken. Ik heb heel erg lang naar deze reis toegeleefd en dan heb je plotseling nog maar één maandje te gaan. Waar is de tijd gebleven? Voor ik het weet zit ik al in het vliegtuig naar huis. Voor ik het weet ben ik weer gewend aan het Nederlandse dagelijkse leventje. Voor ik het weet ben ik 50 jaar. Ik vermaak me zo goed hier, het voelt alsof een dag maar 5 uur heeft hier. Alleen af en toe verlang ik stiekem ook wel naar huis. Ten eerste verlang ik ernaar mijn ouders en zusje, vrienden en lieve vriend weer te zien. En vooral verlang ik er ook weer heel erg naar om vers bruin brood met een dikke laag boter en een plak belegen KAAS te eten! En dan een cola lightje erbij. Daarnaast mis ik soms ook wel het gemak waarmee dingen in Nederland  gaan.

Vandaag bijvoorbeeld. Lisanne, Anne en ik hadden een paar ‘korte’ klusjes die we moesten zien te fixen in Zomba Town. Ten eerste moesten we naar de immigratiedienst om ons visum te verlengen. We wisten de weg niet, dus vroegen wij een politieagent om hulp. Deze en nog een andere agent waren druk bezig met een arrestatie, maar als een azungu je iets vraagt, dan gaat dat boven alles. We werden vriendelijk geëscorteerd door de twee politieagenten naar het immigratiebureau.

Tien meter verder was het bureau al. Ja daar was die escort zeker voor nodig geweest.  Voor 5000 kwacha (10 euro) konden we hier ons visum verlengen. Terwijl we heel formeel bezig zijn een formulier in te vullen, wordt ons gevraagd wat we in Zomba zoal als ‘enjoyment’ doen. Ehh … ‘We are going to Zomba Plateau and Mulanje Mountain.’ ‘And to club G!’ grapte ik. Club G is in Zomba dé uitgaansplek. Je zou het alleen amper een club kunnen noemen, maar als je een keer uit wilt gaan is het best leuk. Het wordt echter niet als een al te nette plek gezien. Er lopen vaak prostituees rond.

‘Have you ever been there?’ vraagt de nette man in pak van de immigratiedienst. ‘No.’ Loog ik. ‘If you want to go there, you can call us!’ zegt de opeens iets minder nette man. Sta je dan met een bek vol tanden. Wat zeg je dan als je opeens door zo’n hoge pief uitgenodigd wordt naar Club G? ‘Ehh yes ofcourse we will call you!’. Als we klaar zijn met het formulier invullen, snellen we ons naar buiten. Buiten moeten we nog even grinniken, maar gaan gauw verder op ons avontuur. De volgende stop is de TNM shop, waar je internet kunt kopen. De dongle die best veel geld heeft gekost, heeft het na twee weken al begeven. Dat kan natuurlijk niet hè.

Na lange tijd uitgelegd te hebben dat de dongle het écht niet doet, nee écht niet, zelfs niet op andere computers, heeft het vrouwtje geconcludeerd dat er dan maar een virus op onze laptop zit. Nee geen geld terug, niks. We moeten er zelf maar voor zorgen dat het zogenaamde virus verdwijnt. Als we buiten staan zegt Anne: ‘Volgende keer trek ik die vrouw over de toonbank.’ Dat vind ik een heel puik plan van Anne.

Lisanne en Anne moeten ook nog een paar kaarten op de post doen. Maar als we de rij in het postkantoor zien, rennen we gillend naar buiten. We gaan maar gauw op zoek naar nieuwe batterijen voor mijn camera. Ik heb dubbel A nodig, maar dan wel alkaline of zoiets, want al die anderen doen het niet. Bij de fotoshop zouden ze die wel moeten hebben, heb ik me laten vertellen. Toen ik daar aankwam, snapte mevrouw mijn ‘special request’ niet helemaal en dacht ze dat ik een fluorescerend gele fotolijst wilde kopen. We hebben uiteindelijk een uur in de hitte door Zomba geslenterd, maar ik heb ze gevonden! Ik heb ze alleen nog niet durven uittesten. Nóg een teleurstelling deze dag kan ik nog even niet aan.

We waren er met z’n drieën wel een beetje klaar mee en gingen op zoek naar een taxi. En of het nog niet erger kon, stond de taxi plotseling midden op de weg stil. Nu verbaasde me dat eerlijk gezegd niet. De gemiddelde taxi hier is een wrak. Sommige taxi’s missen een stuk dashboard en bij 9/10e van de taxi’s doet de snelheidsmeter en het benzinepeil het niet. Bij iedere hobbel die je over gaat, hoor je wat rammelen en de auto slaat zo’n vijf keer af per ritje. Laatst kwamen we de heuvel niet eens op en reden we langzaam achteruit. Zie je het voor je? We zijn de hele ochtend zoet geweest met dit avontuurtje om wat ‘korte’ klusjes te fixen. In Nederland zou je na een uurtje klaar zijn en die snelheid waarmee dat dan gaat mis ik ook wel een beetje.

Maar dan gebeuren er hier in Malawi dan ook zulke vreemde dingen, daar word je bang van. Er schijnt hier in Malawi, laten we hopen niet in Zomba, een man rond te lopen die op een hele nare manier zijn geld schijnt te verdienen. Hij heeft een paar hulpjes die midden in de nacht bij mannen in hun huis naar binnen sluipen om hun PENIS eraf te snijden. Deze penissen schijnen heel veel geld op te leveren. Ze worden namelijk verkocht aan vissers die deze piemels gebruiken als aas. Gatver de gatver. Deze man is toen een tijdje geleden op gepakt, maar omdat deze ‘dick-cutter’ al zoveel winst had gemaakt, kon hij zichzelf na een week weer uitkopen. Thank god dat ik geen man ben. Natuurlijk is dit een verhaal dat ik heb gehoord, maar laatst heb ik zoiets naars ook bijna in real-life meegemaakt:

We zaten  voor ons vrijwilligershuis een beetje uit te rusten. Toen zagen we opeens een hele grote groep mensen langslopen. Ik was heel nieuwsgierig wat dat was. Er werd mij verteld dat deze mensen een dief aan het achtervolgen waren. Een paar members van ons project waren nog nieuwsgieriger en besloten de groep te achtervolgen. Ondertussen werd ons verteld dat diefstal hier als een heel erg misdrijf wordt gezien. Waarschijnlijk zou deze man aan het eind van de wandeling helemaal in elkaar geslagen worden door deze grote groep mensen. Toen de members terugkwamen, werd dit inderdaad bevestigd.

De dief was helemaal in elkaar gemept. Hij werd zelfs met een panga, een soort kapmes, geslagen. Ik was nogal in shock van dit verhaal. Dit kon toch niet echt waar zijn? Hoe wist die hele groep mensen nou zo zeker dat dit een dief was? En je weet de beweegredenen van zo’n dief toch ook helemaal niet? Wat nou als hij stal om medicijnen voor zijn zieke moeder te kopen? Natuurlijk keur ik diefstal niet goed, maar jeetje, dit gaat wel heel erg ver. Later werd mij uitgelegd dat de mensen dit als een plicht zien om een dief zo te behandelen. De politie is hier zo corrupt als de pest, dus als hij de gevangenis in zou gaan, zou er met hem waarschijnlijk precies hetzelfde zou zijn gebeurd als met de zogenaamde ‘dick-cutter’; hij zou na één week alweer de gevangenis uit zijn. Uiteindelijk snap ik ergens wel dat men zoiets doet met zo’n dief, maar ik kan er toch niet helemaal bij met m’n verstand. Ik was wel een beetje van slag de hele dag.

Gelukkig gebeuren er ook hele leuke en/of grappige dingen hier. Niet alleen maar ‘heavy shit’. Malawianen geloven namelijk ook in hekserij. Té grappig al vraag je het mij.  Een member vertelde mij een lang en vaag verhaal over een heks die langs zijn huis kwam en dat zij kon zien dat iemand voor zijn huis met een luipaard voor zijn huis had gevochten. Daarnaast werd diezelfde member een keer midden in de nacht wakker omdat er een slang in zijn bed zat en wist hij 100% zeker dat er een spelletje met hem gespeeld werd door een heks. Ook vertelde weer iemand anders dat hij soms uit het niets een klap in zijn gezicht voelde. Dat waren dan geesten of misschien ook wel een heks die hem dat aandeden. Ik vind dit echt te hilarisch voor woorden, maar deze mensen geloven er heilig in, dus doe ik heel hard mijn best m’n gezicht dan in de plooi te houden.

Er zijn veel dingen waar ik soms moeite mee heb, of die ik mis, dan verlang ik naar die dingetjes die het in Nederland allemaal zo makkelijk maken. Tegelijkertijd zijn deze dingen geweldig om mee te maken. Echt te gek voor woorden. Het spreekwoord T.I.A., This Is Africa, past perfect bij dit soort situaties. Ik hoop dat mijn laatste maand nog heel lang gaat duren. Ik ben bang dat ik als ik met mijn ogen knipper alweer in het vliegtuig zit.

Heel veel liefs!

 

Nina

 

 

‘Hello! How are you?’

‘Hello! How are you?’ ‘I’m fine, thank you, how are you?’. Dit is het gemiddelde gesprek dat je met de gemiddelde Malawiaan op een gemiddelde dag zo’n dertig keer voert. Als azungu (in Malawi ben je een azungu en geen mzungu), word je natuurlijk ook nog eens drie keer zo vaak aangesproken op straat dan een akoeda (een Afrikaan). In Nederland zou het eigenlijk ondenkbaar zijn, dat je gewoon rustig door de stad aan het lopen bent en er wordt dertig keer naar je geroepen en gevraagd hoe het met je gaat. Aan de ene kant is het leuk, want mensen zijn wel echt heel vriendelijk, maar soms word je er ook wel echt helemaal gestoord van.

Vandaag waren er bijvoorbeeld twee hele irritante jongetjes die ons maar achter na bleven lopen en liepen te schreeuwen en gebaren naar ons. Na een tijdje wordt dat echt heel erg irritant, maar can you blame them? Als je er langer over nadenkt, is dat waarschijnlijk hun enige vermaak op zo’n dag, een beetje azungu’s pesten. Dan kan ik ze het toch ook weer niet kwalijk nemen. Laat ze maar lekker vervelend doen denk ik dan maar, hebben zij ook weer hun dagje.

Dit weekend ben ik naar Mulanje Mountain geweest. Misschien hebben jullie mijn foto op facebook al gezien! De regio coördinator, Judith, had me van tevoren gevraagd of ik bij Mulanje bij de watervallen wilde blijven om lekker te chillen en zwemmen of de berg in twee dagen op en af klimmen. In eerste instantie had ik gezegd dat ik liever wilde relaxen, maar eenmaal aangekomen bij Mulanje Mountain, heb ik toch maar besloten de berg te gaan beklimmen. Beetje onhandig van mij allemaal, want nu moest ik eerst nog eens eten zien te regelen voor op de berg en moest ik ook nog eens extra betalen én had ik helemaal geen bergschoenen. Dit is uiteindelijk allemaal goed gekomen en heb ik maar besloten de berg op mijn Vans (gympies) te beklimmen, want ‘dat kon ik wel’…

Rond 8 uur kon de tocht beginnen. Samen met Matthijs, Didy, een gids en wat ‘porters’ zouden we de berg op gaan. De rest bleef wijselijk bij de watervallen relaxen. We hadden deze zogenaamde porters om onze tassen te dragen. Eerst vond ik het nogal overdreven, iemand die je spullen voor je draagt. Maar toen ik eenmaal aan het klimmen was, pfoe! Het was alsof je constant een trap aan het beklimmen was, het gaat natuurlijk alleen maar bergopwaarts (duh we moesten de berg op zien te komen). Mijn gemis aan bergschoenen was hierbij echter niet het probleem, maar mijn conditie was er wel bar slecht aan toe… Ondanks dat, zijn we echt super snel die berg op gekomen! We hadden er zo’n 5 tot 6 uur over moeten doen, maar we waren al na 4,5 uur bij de top. Iets onder de top van de Mulanje Mountain stond een soort huisje. Matthijs zei nog super slim: ‘Het lijkt wel een berghut!’. Dat was het natuurlijk ook: een hut op een berg. In het hutje was geen elektriciteit en hoe erg ik er stiekem ook op had gehoopt, wist ik het eigenlijk van tevoren al, waren er ook geen wc en douche aanwezig. Dus huppa, vieze kleren uit en emmer water over jezelf heen gooien!

mulanje-mountain Die avond zouden we ook nog een korte wandeling maken naar de rand van de berg (zie foto facebook!). Super super mooi was dat, echt prachtig. Daar heb ik dan ook de mooiste zonsondergang ooit gezien, wauw! Toen we terug wilden lopen, was het natuurlijk pikkedonker. Daarnaast zaten we zo hoog, dat we door een wolk heen moesten lopen. Altijd al eens willen ervaren hoe dat voelde! Niet zo interessant helaas… Je krijgt er alleen maar een natte kop en een snotneus van.Maar om zo in het donker door de mist te lopen, gaf wel een heel spooky effect. We zaten er al over te fantaseren wat je zou doen als er op dat moment een zombie naar je toe zou stormen. We concludeerden dat je waarschijnlijk morsdood zou gaan.

Na de wandeling moesten we zelf koken. Omdat ik achteraf had besloten nog mee te gaan naar de top van de berg, had ik snel nog wat inkopen voor het avondeten gedaan. Ik gok dat de anderen daar stiekem wel blij mee waren, want anders hadden ze ingeblikte spaghetti bolognaise moeten eten… Jammie! Nu was het pasta met tomaten, tonijn en de voorgekookte gehaktballen uit het blik bolognaise geworden. We moesten koken op de open haard, hoe leuk is dat! Wanneer kook je nu op een open haard haha! ’s Nachts was het wel ijskoud, maar we hadden de dekens uit de andere kamers gestolen, dus we hebben het gelukkig kantje boord overleefd.

De dag erna werd de echte challenge voor ons: de afdaling. En dat was me toch een potje zwaar. Potjandrie. Toen had ik er toch wel echt baat bij gehad als ik wél bergschoenen had. We moesten echt van de meest steile wanden afdalen. Ik ging echt wel tien keer op m’n muil. Toen kreeg ik gelukkig wat hulp van een van de porters. Stiekem schaamde ik me wel een beetje. Ík moest zo nodig op m’n Vans die berg beklimmen en nu moest ik ook nog half naar beneden getild worden. Niet onbelangrijk om te melden dat de man die mij naar beneden hielp, ook nog eens drie tassen droeg. Uiteindelijk hadden we het steilste deel gehad en kon ik de rest gelukkig AALLLL BY MYYYSELF! Niet dat het niet zwaar was. Integendeel. Potjandrie 2.0.

Gelukkig werden we beneden rijkelijk beloond met een heerlijke pizza. Al die verbrande calorieën van de afgelopen twee dagen er in 10 minuten weer bij gegeten. I love it. De dag erna had ik wel echt zóveel spierpijn, niet te zuinig! Het was ook een zware tocht, maar het was het zeker weten waard, het was zo mooi en ook wel heel vet cool tof om een keertje te doen. Maar of ik het nog een keer zou doen… Hmmm, misschien over 10 jaar.

Twee dagen erna hadden we bij ons project een office meeting. Iedere dinsdagmiddag kiezen twee mensen een topic uit waar je dan over gaat discussiëren. Onderwerpen als abortus, homoseksualiteit maar ook dingen als bijvoorbeeld muziek worden dan besproken. Deze week hadden Gita en ik een onderwerp bedacht: liefde. Klinkt vrij simpel, maar daar valt hier met die Malawianen toch nog best over te praten. Mannen mogen ook hier, net als in Oeganda, meer dan één vriendinnetje/vrouw hebben. Wij probeerden duidelijk te maken, dat als het andersom zo zou zijn, zij dat ook niet leuk zouden vinden om je vriendin met andere mannen te moeten delen. Dat kwam er helaas bij hen niet in, er zijn namelijk meer vrouwen dan mannen in Malawi. Wel moesten we goed begrijpen dat het de vrouwen in Malawi zijn die áltijd vreemdgaan. Klinkt logisch! Ook geloofden de meeste mannen er niet in dat als een vrouw niet verliefd op hen was, het ze dan niet lukte de vrouw te veroveren. Als de vrouw niet verliefd op je is, máák je haar maar verliefd. Je koopt maar een paar appels voor haar en dan moet het zeker wel lukken. Zeker een interessante discussie was dat. Ik ben benieuwd naar het volgende topic!

Vandaag heb ik nog iets anders heel erg cools gedaan. We hadden vandaag de vrijwilligersdag, dan ga je in een busje langs alle andere projecten. Ik vond het eerlijk gezegd niet heel interessant, omdat je niet écht het project ziet, maar iedereen vertelt een beetje hetzelfde verhaaltje over hoe hun project in elkaar steekt. Die middag zouden we met diezelfde groep mensen ook nog naar een ziekenhuis gaan, waar ook een paar Nederlandse artsen werken. Daar gingen we… Bloed doneren! Ik heb mijn vader al lang geleden beloofd dat als ik 18 zou worden, wij samen bloed zouden gaan doneren. Tot dusver is dat nog niet gebeurd papa!!! Gelukkig gelukkig, heb ik vandaag voor de eerste keer in mijn leven bloed gedoneerd ☺. We kwamen aan in een soort ‘skeer’ laboratorium (als je niet weet wat skeer betekent, moet je even op het straatwoordenboek kijken. Ik weet er geen beter woord voor hehe). Ik was dolenthousiast, want ik vond het best wel leuk om te doen! Toen ik rondkeek in het lab, zag je een soort viezige koelkast staan met een paar bloedzakken erin, ewww! Sommigen van ons konden er ook niet zo goed tegen, maar ik vond het vrij hilarisch.

Ik ging als eerste om bloed te doneren. Eerst kreeg ik een miniprikje in m’n vinger en werd mijn hemoglobine gemeten (toch? Of zeg ik nu iets heel raars). Zeg maar waaraan ze kunnen zien hoeveel ijzer er in je bloed zit. Heet dat zo? Naja, maar ik had de hoogste waardes van de hele groep olé! Daarna werd m’n bloedende vinger op een blad op drie vlakjes gedrukt. Daarna een drupje vloeistof bij elk bloeddruppeltje en vervolgens even roeren met een stokkie. Eentje daarvan ging dan stollen en dat was dan je bloedgroep. Ik heb A positief oh yeah.

En toen ging het toch echt gebeuren. Mijn bloed werd afgetapt. Ik ging liggen op het bed liggen en er werd een grote naald in m’n ader geboord. En daar ging m’n bloed! Ik vind dat soort dingen dus echt totaal niet eng, ik vond het zelfs wel leuk om zo m’n bloed in een zakkie te zien stromen haha. Het moest 450 gram worden, maar uiteindelijk kwam er niet meer dan 340 gram uit m’n arm. Maar wie weet, misschien red ik daar wel een babyleven mee ☺! Er is hier namelijk bijna altijd tekort aan bloeddonaties, dus ik heb een goeie daad gedaan vandaag !

Wat een avonturen. Ik vermaak me prima hoor hier. De tijd vliegt echt als ik er zo over nadenk. Het lijkt wel gister dat ik afscheid nam op Schiphol! Aan de ene kant kijk ik uit naar het moment dat ik straks weer aankom op Schiphol. Hoe zal dat zijn? I’ll probably cry. Hahaha.
Tot ziens matties! Talk to you laterrrrrrrrr! xxxxxxxx

Malawi the warm heart of Africa

Mijn eerste weblog vanuit Malawi! En oh oh oh, wat heb ik toch alweer veel meegemaakt in één week. Het was een barre tocht hiernaar toe, maar ik ben heel aangekomen. Ik moest op 9 maart om 15:00u ’s middags eerst een uurtje naar Nairobi vliegen om een overstap te maken en vervolgens nog twee uurtjes naar Lilongwe in Malawi vliegen. Ik vond het nogal spannend om naar Malawi te vliegen. Ten eerste omdat ik niet eens wist hoe ik moest inchecken en hoe alles op een vliegveld werkt en ten tweede omdat in diezelfde week in Kenia de verkiezingen waren en ik maakte me er druk over dat er vanwege die verkiezingen allerlei enge dingen zouden gebeuren op het vliegveld (lees: bomexplosies, terroristische aanslagen, losgeslagen olifanten).
Ik moest dan ook zes uur lang op het vliegveld doorbrengen, terwijl de tijd dat ik daadwerkelijk door de lucht vloog slechts 3 uur bedroeg. Uiteindelijk viel het inchecken en de olifanten mee en ben ik er vanaf gekomen met een pinstoring op het vliegveld.

Daarna komen er een paar hele saaie momenten, zoals hoe ik aankwam op het vliegveld en kennismaakte met de eerste blankies en hoe lekker ik wel niet sliep met een kussen zo hard als een baksteen of hoe Anne een spin had gevonden met slagtanden. Ik wil gelijk beginnen met de eerste dagen van het project. Ik vond het spannend wat mij te wachten stond, want op dat project zal je nog twee maanden moeten verblijven! Aangekomen bij het huisje zijn er al gelijk vier of vijf lokale vrijwilligers die zich aan je voorstellen. Oh my, wat een namen. Mensen hebben wel bijzondere namen hier zoals: Gift, Darlington of Shaggy. Wel makkelijk te onthouden! Ze noemen de lokale vrijwilligers hier vaak de members van het project.

Er zijn bij mijn project LIYO bijna zo’n vijftien members. Echt super veel vergeleken met mijn vorige project, daar zaten er ‘maar’ zes. En daarnaast zijn bijna alle members hier mannelijk! We hebben ook twee zogenaamde huispapa’s. Zij maken drie maaltijden per dag voor je klaar en doen zelfs de afwas! Daarnaast heb ik hier wél elektriciteit en drinkwater. LUXE! En ik maar denken dat Malawi nog armoediger zou zijn dan Uganda :p. Helaas geldt hier ook weer een ernstig kakkerlakkenprobleem. Wanneer het donker wordt (al rond 18:30u), beginnen de kakkerlakken omhoog te kruipen via het gat in latrine. Dan krioelt het er weer van de kakkerlakken. Ik dacht toch echt dat ik over die angst heen was om tussen de kakkerlakken te piesen. Nu sta ik iedere avond alsnog een halfuur gillend voor het gat, om vervolgens toch te besluiten mijn behoefte ergens in de bosjes te doen.

Deze week hebben we vooral veel projectjes bekeken en niet bijzonder veel zelf gedaan. We zijn bijvoorbeeld langs de Elephant school geweest, een peuterschooltje. Daar hebben Gita en ik een beetje zitten kijken en buiten gespeeld met de kindertjes. Het valt ons heel erg op dat ze op die school echt hele domme liedjes en zinnetjes aan die kinderen leren. Bijvoorbeeld dat de leraren ze dingen leren opdreunen als: ‘This is my eyes, this is my ears etc.’ Dat is natuurlijk grammaticaal helemaal niet goed! Of de leraar zingt een raar liedje over dat een moeder naar Londen gaat en er een kindje gaat ophalen en dan zingen de kindjes er tussendoor: ‘Baby!’. Dan vraag je je toch af wat ze daar precies van moeten leren. Maar die kindjes die daar zitten zijn wel te schattig voor woorden, dus ik vermaak me prima.

We hebben ook geholpen een dag te repareren. Toen ik samen met Anne en een member, Mika, een boom ging omhakken, kwam ik twee mini-geitjes tegen. Té schattig. Ik neem later sowieso vijf geiten in mijn tuin. En dit verhaal gaat echt drie keer nergens over.
Ik vertel maar gauw verder over afgelopen weekend, voordat ik verder wegkwijn bij de gedachte aan baby-geitjes. Dit weekend ben ik zaterdag naar een markt geweest. Het zou echt helemaal the bomb zijn, maar dat was het niet. Wel heb ik een nieuwe ‘lappa’ gekocht. Als vrouw moet je hier rondlopen in een lange lap die je als rok ombindt. Ziet er wel heel leuk uit alleen je kan alleen nog maar waggelen als een eend.

Vandaag, zondag, zijn we naar de kerk geweest! Ja echt waar, geloof het of niet, ik ben naar de kerk geweest. Hoewel, het was meer een soort houten tent bij elkaar gehouden door wat plastic zeilen. En dát was me een bijzondere ervaring. Ik ben één keertje in Nederland in de kerk geweest, maar daar weet ik nauwelijks nog iets van, dus ik was heel benieuwd wat ik kon verwachten. Toen we binnenkwamen, gingen we vrij achterin zitten en zaten we nog te grappen dat als we het saai vonden, we nog ongezien weg konden glippen.

Maar na drie seconden werden we al naar voren gesleept en werden we op de voorste rij geplant. In Nederland gaat het er in de meeste kerken volgens mij vrij rustig aan toe. Hier schreeuwen ze de oren van je hoofd als ze een preek houden. Het leek ook bijna een soort toneelstuk dat ze opvoerden. Gelukkig werd alles nog wel vertaald in het Engels, anders zouden we ons rot hebben verveeld. Oh wacht, dat deden we ook. Aan het begin was het nog leuk, toen ze gingen zingen en dansen maar daarna… Echt alles werd dertig keer herhaald en ze zaten maar te gillen over wat de bijbel wel allemaal niet te zeggen had. Op een gegeven moment vertelde de priester dat hij een tripje naar Zuid-Afrika ging maken om een kerk te bezoeken en vroeg hij de mensen of ze hem geld wilden doneren. Vervolgens gingen mensen bieden hoeveel ze hem wilden geven en ze telden alle bedragen bij elkaar op. Uiteindelijk had die priester het voor elkaar gekregen zo’n 90.000 kwacha (180 euro) bij elkaar te krijgen. Wat. Ik word priester denk ik. Na een tijdje mochten twee van ons, als blanken, ook naar voren komen om even wat te zeggen.

Op een gegeven moment voelde Lisanne zich niet zo lekker en ze snelde naar buiten. Ik liep achter haar aan om te kijken hoe het met haar ging. We gingen even rustig zitten in het gras om bij te komen. Dan komt er een man naar ons toe om te vragen wat er met haar aan de hand is. ‘I have stomach pain’, zegt ze tegen die man. Vervolgens vraagt hij aan haar om haar hand op haar hart te leggen en haar ogen te sluiten. Vervolgens begint hij iets te schreeuwen van: ‘Get out stomach pain, GET OUT! Devil, you have to leave her body now!’. Terwijl hij dat zegt schudt ie haar hoofd heen en weer. Nadat hij hiermee klaar is, mompelen we een bedankje en proberen we te bevatten wat er zojuist gebeurde. We gaan gauw weer naar binnen en zitten nog een tijdje tot de kerkdienst is afgelopen.

Na de dienst willen we eigenlijk zo snel mogelijk de kerk uit, maar toen begon het plotseling heel hard te regenen. Misschien toch God die ons iets duidelijk wilde maken… We besluiten op een gegeven moment toch maar door de regen te banjeren en besluiten bij een of ander vaag tentje pizza te eten. Daarna wilden we terug naar het backpackershostel Packachere, maar toen zijn we totaaaal de weg kwijt geraakt. We hebben minsten een uur rondgelopen en aan tien mensen de weg gevraagd en ze stuurden ons allemaal de verkeerde kant op. Toch hadden we het zelf moeten weten, maar met vijf vrouwen de weg vinden is toch niet zo makkelijk. Wel hebben we weer een prachtig stukje natuur kunnen zien en dat was wel heel erg leuk.
Het was een heel avontuur deze zondag, maar ik weet in ieder geval zeker dat ik nooit meer hier naar de kerk ga! Ik ben benieuwd wat de komende week mij brengen zal. Ik ben deze zondag naar de kerk geweest én ik bid drie keer per dag. God zal nu toch iets leuks voor mij in petto moeten hebben!

Kusjes Nina Lake Malawi

Ik ben slecht in titels bedenken

Hello, my dear blog readers! Ik verveel mij. Daarnaast heb ik ook geen internet op dit moment. Aangezien het ook weer hoog tijd werd een nieuw blog te posten, voel ik mij zeer gedwongen weer eens te schrijven. Nu moeten jullie het niet zien alsof ik mezelf dwing tot stomme dingen doen, slechts omdat jullie weer zitten te smachten naar een nieuw verhaal. Ik doe dit echt volledig uit vrije wil. Vol-le-dig. Dus hier komt ‘ie hoor. Zitten jullie er weer helemaal klaar voor om een geweldig meemaaksel van Nina Leek te lezen? Want het wordt weer een tof verhaal hoor! (Bluf, bluf, ik ben op dit moment heel hard aan het nadenken hoe ik nu weer iets leuks kan verzinnen).

Afgelopen week hebben we het bij Chedra lekker rustig aan gedaan. Maar we zijn daarentegen zeker niet onproductief geweest! We hebben ondanks de relaxte sfeer van alles en nog wat gedaan. Aan het begin van de maand maken we een planning, maar de lokale vrijwilligers hadden ons hierbij ook heel stevig op het hart gedrukt dat we flexibel moesten zijn. En inderdaad, zouden we eigenlijk een wasrek gaan bouwen, blijkt het dat we toch opeens een les moeten gaan geven. Ik dacht van mezelf dat ik dat continue aanpassen lastig zou vinden, maar dat kwaaltje is hier in Uganda totaal verholpen. Gaan we vandaag 500 kuikens vaccineren? Okeeuuuuu. Moeten we 3 uur wachten tot de taxi komt? Okeeeeuuuu. Ik vind het tegenwoordig allemaal best.

We hebben inderdaad afgelopen week meer dan 500 kuikentjes gevaccineerd en geteld. Dan moesten we een druppeltje antibiotica in hun oogje druppelen. Daarnaast hebben we ook bordjes met teksten gemaakt voor de school waar we vaak zijn. Teksten als: ‘Aids kills’ en ‘Say no to sex’. Ik ben het er natuurlijk totaal mee eens dat je dit soort bordjes rondom een basisschool plant.

We zijn ook de ‘community’ ingegaan. Je komt dan langs een paar huisjes en moet vervolgens een barre lange tocht door de jungle maken terwijl je wild met een kapmes om je heen slaat om de tijgers van je af te houden om vervolgens bij een vervallen kleien huisje aan te komen. Hier ga je kijken wat deze mensen nodig hebben. Een paar voorwaarden voor een compleet huis zijn: een stove (een soort fornuis van klei), een afwasrek, een afvalgat, een washokje etc. De dagen hierna zou het dan de bedoeling zijn dat je deze dingen daadwerkelijk voor hen gaat bouwen. Dit is nog niet helemaal gebeurd. Wel hebben we zo’n 3000 pinda’s gedopt die we vervolgens zelf mee mochten nemen… Nu doe ik natuurlijk net alsof dit bezoek niemand iets heeft opgeleverd, behalve een paar pinda’s, maar dat is absoluut onwaar!

Toen wij namelijk richting een huis liepen kwamen we twee kleine jongetjes bij een watertank tegen. Deze twee waren ongeveer 3 en 5 jaar oud. En je zult het misschien niet geloven (misschien ook wel), maar deze jongetjes waren water aan het halen voor het hele ‘gezin’! En dan zijn er in Nederland soms kinderen van 6 die nog in een buggy zitten! Het woord gezin staat tussen haakjes want hun moeder heeft hen verlaten en de vader wil geen geld aan ze besteden om ze bijvoorbeeld naar school te laten gaan. Nu is het hun oma die voor ze zorgt. Deze vrouw heeft erg haar best gedaan ze naar school te kunnen laten gaan, maar op een gegeven moment was simpelweg haar geld op. Je kon ook wel duidelijk zien dat ze erg arm waren.

De kleren van de twee jochies was amper nog kleding te noemen. Het waren vieze flarden die om hun lichaampjes heen hingen. Daarnaast hadden ze van die verschrikkelijk dikke buikjes. Dit wees blijkbaar naast ondervoeding er ook op dat ze waarschijnlijk heel erg wormen hebben. Nu zijn wij met z’n allen naar de markt geweest en hebben we kleding voor ze gekocht! Daarnaast heeft Rianne ook de juiste medicijnen voor ze gekocht. Je had die gezichtjes moeten zien toen ze de kleding aantrokken! Ze waren zo blij. Het voelde echt zo goed om dit te doen. Rianne en Merel hebben van hun donatiegeld nog meer kleding gekocht om meer kinderen te helpen!

Dit weekend heb ik heerlijk gerelaxed aan Lake Nabugabu met een paar andere vrijwilligers. Helaas kun je hier beter niet in zwemmen, omdat er nog steeds gevaar voor bilharzia is, zo’n vies wurpje dat je lichaam in kruipt bah! Hoe lekker het water er ook uitzag, ik heb liever geen beesten in mijn lichaam :) .

Nu zit ik voor twee daagjes bij een ander project, Lwengo. Ik had veel goede verhalen over dit project gehoord en was sowieso ook heel benieuwd hoe het er bij andere projecten aan toe ging. De eerste dag dat ik hier aankwam hebben we maar een half dagje gewerkt. We gingen de ‘reading club’ doen. Geen idee wat ik me daarbij voor moest stellen. Ja lezen, duh. Maar het bleek uiteindelijk dat we in het Engels moesten voorlezen aan kinderen. Dat is alles wat ik te horen kreeg. Toen werd er een boek in m’n handen gedouwd en zo’n 20 kinderen bij me gedumpt en LET’S GO! Ik werd er echt bloednerveus van. Is er niemand die mij vertelt wat ik precies moet doen? En waarom zouden ze naar mij luisteren? Ik stond er nu voor de eerste keer toch echt helemaal alleen voor. Wow, best eng zeg. Ik zette me schrap en ik ben begonnen aan het voorlezen van een verhaal over een bruiloft.

De kinderen deelden ongeveer één boek met zijn vijven. Volgens mij volgden ze het hele verhaal niet echt. Ik heb daarna omstebeurt een kind uitgekozen die vooraan de klas een paragraaf mocht voorlezen. Al gauw kwam ik erachter dat je hierbij niet de hele klas goed kon betrekken en dat de meesten uit hun neus zaten te vreten. Toen heb ik zelf lastige woorden uit de tekst uitgekozen en op het bord geschreven en de kinderen het op de goede manier laten uitspreken.

Daarnaast probeerde ik ze ook woorden uit te leggen. Bijvoorbeeld het woord ‘wrapped’. Eerst vertelde ik dat je cadeautjes ‘wrapped’ zijn, maar zulke cadeaus kennen ze hier niet echt. Toen bedacht ik me dat ze hier ‘matoke’ maken, een soort bananenprutje. Dit maken ze door de bananen in bananenbladeren te doen. ‘Matoke is wrapped in banana leaves’ had ik er toen van gemaakt. Ik hoop echt dat ik ze toch iets heb geleerd door dit lesje! Misschien niet bizar veel, maar hopelijk wel net dat ene woordje ‘wrapped’ bijvoorbeeld! Uiteindelijk vond ik het super leuk om te doen, ondanks dat ik het zo eng vond :) .

Vandaag was ook een leuke dag. Het eerste dagdeel hebben we geholpen in een health-clinic. Een wat oudere dame die ook bij Lwengo zit, heeft baby’s gewogen en ik heb samen met Simone, een leuke meid van 17, de administratie van de vaccinaties van de babietjes bijgehouden. Dit was echt super om te doen! Moeders kwamen met de kindjes binnen en leverden een formulier in. Simone en ik zorgden er dan voor dat bepaalde gegevens werden opgeschreven. De zuster gaf de kinderen dan vervolgens de vaccinatie en soms mochten Simone en ik zelf ook vitamine A geven! Dit deden we door heeeel professioneel een soort capsule met een naald te doorboren en de inhoud hiervan in het mondje van de baby te druppelen. Het was misschien niet heel lastig werk, maar wel super interessant en leuk om een keer gezien te hebben!

Ik heb weer een paar bijzondere dingen meegemaakt, die ik niet gauw zal vergeten. Ook heb ik even terzijde nog cassave en suikerriet gegeten, twee dingen die ze hier heel vaak eten. Dat suikerriet lijkt op een soort bamboestengel. Het heeft een hele harde schors, maar de Ugandesen rukken dat er zo af met hun tanden. Dan zit er daarbinnen een soort… spul waar je op moet kauwen en weer uitspugen. Er komt een soort heerlijke zoete sap uit, die eigenlijk precies naar rietsuiker smaakt (oh echt waar?).

Tot dusver de meemaaksels van Leekie in Uganda. Mijn tijd in Uganda zit er over anderhalve week alweer op. Time flies! Dan ga ik naar Malawi. Ik ben zo benieuwd hoe ik de verschillen tussen deze twee landen zal ervaren! Ik hoop nog een blogje te gaan schrijven voor ik naar Malawi vertrek, maar misschien heb ik daar wel helemaal geen zin in joh. Hee, wel een beetje flexibel blijven he ;) .

Groetjes, Namiya!