Queensday in Malawi

Het is 30 april 2013, Koninginnedag. De laatste Koninginnedag voor waarschijnlijk de komende 40 jaar. Heel jammer dat ik daar niet bij kan zijn, maar ik gok dat volgend jaar Koningsdag niet veel anders zou zijn dan dit jaar Q’day, dus heel veel mis ik niet

Vandaag heb ik dus geen Koninginnedag gevierd, maar ben ik super vroeg opgestaan. Om 5:30u stond ik naast mijn bed. Stiekem moesten we al om die tijd vertrekken, maar ik wist dat de meesten toch altijd te laat komen. Ik stond zo vroeg op het programma om samen met Pachalo en Eluby ‘gras te maaien’. We vertrokken zo vroeg omdat het later op de dag te heet is om dat soort activiteiten te doen.

Vorige keer stonden we zelfs al om 5:00u in de vroege ochtend klaar om maïs te oogsten. Dit keer was het dus gras maaien. Daarnaast was het ook nog eens een heel eind lopen naar de plek van bestemming. Ongeveer een uur lang deden we erover. Eenmaal aangekomen bleek dat het niet echt om gras ging dat gemaaid moest worden, maar meer een soort riet dat van de grond afgehakt moest worden. Ik kreeg een sikkel (zo’n maanvormig instrumentding) in mijn handen geduwd en werd uitgelegd hoe ik te werk moest gaan.

Ik voelde me een grote kneus. Ten eerste omdat het best zwaar was en alle mensen om mij heen er geen moeite mee bleken te hebben. Ten tweede omdat ik daar stond te springen en te hupsen vanwege de prikkels van de zaadjes van een bepaalde plant. Die zaadjes dringen je kleren door en prikken dan lekker in je billen en benen. Sta je daar te midden van die kuise Afrikanen lekker in je broek te graaien. Gelukkig bleek later dat ik de botte sikkel had gekregen en dat zelfs de akoeda’s het dan een stuk lastiger vonden om het riet eraf te krijgen. Pfoe, zo’n slappeling ben ik dus gelukkig ook niet.

Toen werd er van een stapel riet een grote baal gemaakt en aan elkaar geknoopt. ‘Zet maar op je hoofd.’ zeiden ze tegen me. Dat doe ik dus niet. Ik leg hem op mijn schouder, wat ook best prima gaat. Misschien is het stom, maar ik voel me gewoon een oen als ik als azungu ook probeer iets op mijn hoofd te dragen. Het gaat gewoon niet. Daar moet je vanaf jongs af aan voor getraind zijn! Je ziet hier meisjes van zes al met een bos takken op hun hoofd lopen. Toen ik zes was lag ik door de Lego te rollen.

Toen ik thuis kwam, om 9 uur, ben ik op bed gestort en ben ik in slaap gevallen. Om 12:30u werd ik pas weer wakker. Oeps! Nu zit ik dit te schrijven. Zo’n denderende Koninginnedag is het voor mij dus niet. Maar vanavond is nog wel het plan om cakejes te versieren met oranje glazuur. Toch nog een beetje oranje hier in het verre Malawi!

Vorige week hadden wij een voetbaltoernooi. Vorige maand was er ook een voetbalwedstrijd en ik had toen verkondigd dat het mij wel heel leuk leek om ook mee te doen. Toen werd er naar me gesnauwd dat meisjes helemaal niet horen te voetballen. Toen ik de teams zag, bestaande uit grote gespierde negers, was ik stiekem toch blij dat ik niet mee mocht doen. Toch had ik deze keer wel echt zin om mee te doen met voetbal.

Het voetbaltoernooi werd gehouden bij YODEP, een ander project. Het was een toernooi tussen alle projecten. Er waren poultjes gemaakt en er werd vier tegen vier gespeeld. Het voetbalveld was van steen en de meesten hadden hun voetbal- of dichte schoenen meegenomen. Later bleek dat er op BLOTE voeten gespeeld moest worden. Op een betonnen grond. De reden hiervoor was dat bij de meeste projecten ook lokale members meededen. Waaronder bijvoorbeeld straatkinderen. Zij hebben helemaal geen schoenen. Dan zou het oneerlijk zijn als de anderen wel op schoenen mochten spelen. Vooruit dan maar, op blote voeten.

Na een paar wedstrijdjes gezien te hebben, kreeg ik ook wel heel veel zin om mee te doen. En dat deed ik! Na een paar wedstrijdjes kregen de azungu’s die meededen alleen nogal last van hun voeten. Ik had bijvoorbeeld ook twee grote blaren. En Hessel, die ook bij mijn project zat, had zijn heeeeele voeten opengehaald. Ik heb nog nooit van mijn leven zo’n grote blaar gezien. Arme jongen. De akoeda’s hadden echter nergens last van. Zij zijn gewend om overal rond te banjeren op blote voeten. Al met al was het een zeer geslaagd toernooi. Het was heel gezellig en het allermooiste was nog dat wij, LIYO, kampioen zijn geworden! Olé!

De dag erna hadden wij een Youth meeting in Ngauma, een lekker eindje lopen. Lisanne en ik gingen mee met een member. We moesten een topic voorbereiden om met de youth over te discussiëren. Dat moesten we van tevoren doen, alleen wisten we niet zo goed waarover. Eerst was ons idee om het over homoseksualiteit te houden. Natuurlijk heel interessant om zo’n taboe hier aan te kaarten. We hebben hier uiteindelijk toch niet voor gekozen, omdat je eigenlijk al weet dat iedereen ertegen is. Dan komt er waarschijnlijk niet echt een discussie op gang. Toen hebben we ervoor gekozen om het over de relatie tussen een man en een vrouw te houden.

We hadden een paar vragen bedacht en uiteindelijk zouden we dan overgaan op vragen als: ‘Zou je het je partner moeten vertellen als je HIV/aids hebt?’ en ‘Zou je je moeten laten testen voordat je sex hebt met je partner’.

Toen we daar aankwamen bij de school bleek dat we deze youth meeting hadden bij een ‘Aids toto’ groep (een aids preventie groep). Wij waren hierdoor een beetje in verwarring gebracht, want we hadden ook een paar vragen bedacht die niet echt relevant voor het onderwerp aids waren. Toen hebben we besloten te improviseren en ons vooral te richten op het onderwerp HIV/aids en hoe je het kunt voorkomen.

Wij stelden hen vragen in het Engels en de member vertaalde deze voor de klas. Het bleek dat ze nog heel veel kennis miste over het onderwerp sex. Toch waren ze wel heel erg geïnteresseerd en stelden ze veel vragen. De meesten wisten bijvoorbeeld niet eens wat een SOA was en hoe een condoom gebruikt moest worden. Helaas hadden Lisanne en ik er niet op gerekend dat dit zou gebeuren en hadden we geen voorbeeld van een condoom meegenomen. Toen heeft onze member een condoom op het bord getekend en het uitgelegd.

Wat wel een beetje jammer was, was dat hij niet heel erg serieus over het onderwerp praatte. Natuurlijk is het wel belangrijk om de jeugd af en toe een beetje te laten lachen om ze bij de les te houden en zeker omdat ze dit zo een spannend onderwerp vinden. Maar hij gaf ook wel een heel slecht voorbeeld. Lisanne en ik hadden duidelijk verkondigd dat als je sex hebt, je ALTIJD een condoom moet gebruiken. (De pil en andere anticonceptiemiddelen zijn niet zo bekend hier of heel duur en ze zijn ook nog te jong om al kinderen te willen krijgen). We hadden dit ook heel groot op het bord geschreven: ‘ALWAYS use a condom!’.

Toen de member vervolgens een condoom op het bord ging tekenen zei hij: ‘Ik weet niet precies hoe het eruit ziet, ik gebruik het nooit.’ Een slechter voorbeeld kun je niet geven!!! Dat was wel een klein minpuntje, maar voor de rest was het heel leuk om te doen. We hebben ze hopelijk een duidelijke boodschap mee kunnen geven. Ik ben toch bang dat de meesten zoiets hebben van: ‘Ach, mij overkomt dat toch niet.’ Toch hoop ik dat er een paar kids tussen zaten die er wél van geleerd hebben!

Later die dag zouden we eigenlijk nog een keer voorlichting moeten geven aan een groep jongeren, maaaaar dat ging plotseling niet door, want er was een begrafenis. En wij moesten erheen. We moesten. Dat hoorden we ook pas die dag zelf. Maar het schijnt dat als er iemand in jouw community overlijdt, je respect toont door naar zijn/haar begrafenis te komen. We moesten ons heel erg haasten, want we zaten nog in Ngauma en we moesten naar Mpunga. We stormden ons huisje binnen en ondertussen kwam er al een hele grote groep langs lopen, wat blijkbaar onderdeel was van de ceremonie. Ik had nog een broek aan en ik moest een chitenge, een lappa, aan op de begrafenis.

Toen ik klaar was zijn we naar de grote groep mensen gesneld. Zodra we bij de groep aankwamen, moesten we stil zijn. Als je praatte, was dat respectloos tegenover de overledene. Er was nog wel een klein groepje mensen die heel mooi tweestemmig liedjes aan het zingen waren. Toen we bij de begraafplaats aankwamen werden mannen en vrouwen van elkaar gescheiden. Gelukkig was ik samen met Lisanne en volgden we een groepje vrouwen. Ik keek om me heen op de begraafplaats. Sommige graven hadden netjes een grote steen op het graf liggen, maar bij anderen lag er een bultje zand met daarin een klein kruis van takken of zelfgesneden hout.

Wij zaten helemaal achteraan, naast een groot stenen graf. Het gezang ging nog even door en na een tijdje begon de ceremonie. Ik kon het niet goed horen en als ik het wel had gehoord, had ik het toch niet kunnen verstaan want alles was in Chichewa. Af en toe begon een ander groepje vrouwen met een paarse rokken en hoofdlappen tussendoor een liedje te zingen.

Ondertussen lieten ze volgens mij de kist, of in ieder geval het lichaam, het gat in laten zakken. Ik kon vervolgens niet zo goed zien wat er toen precies gebeurde, maar het leek of er allemaal mannen op het graf aan het inhakken waren. Ik denk dat ze toen het gat vol schepten met zand. Daarna gebeurde er wel iets raars. Een paar familieleden werden omstebeurt langs het graf geleid.

De eerste was een vrouw. Zodra ze langs het graf liep, begon ze extreem te jammeren. Daarvoor had ik haar nog helemaal niet gehoord. De volgende was een oudere vrouw. Ook zij begon bijna te schreeuwen toen ze erlangs liep. De hele begrafenis lang had ik niemand horen huilen, maar opeens op dat moment begonnen ze te huilen voor hun leven. Ja logisch, natuurlijk huil je op een begrafenis van een geliefde of familielid, maar het leek bijna of ze een toneelstukje aan het opvoeren waren voor de rest. De man die langs het graf liep, liet geen traan. Mannen horen niet te huilen.

Daarna hebben we nog even gezeten en toen was de ceremonie klaar. Toen dat werd verkondigd, wisten de meeste mensen niet hoe snel ze weg moesten komen van de begraafplaats. Ze waren bijna aan het rennen. Dat vond ík nou nogal respectloos overkomen. Bijzonder cultuurtje toch weer.

Als laatste ben ik afgelopen weekend naar Cape Maclear geweest. Een prachtige ‘kust’ van het grote meer Lake Malawi. We gingen met een hele grote groep erheen, met achttien man (plus chauffeur en bijrijder). In een busje waar maar zestien personen in horen te passen… Maar we zijn in Afrika, dus het paste. Er valt eigenlijk vrij weinig over te vertellen, behalve dat het er prachtig was en dat ik heerlijk heb gerelaxt. Lekker in het zonnetje gelegen, cocktailtje erbij. Dat mag ook wel eens! Het was een heerlijk weekend. En een mooie afsluiter met alle lieve leuke gezellige mensen van alle projecten.

Over twee dagen ben ik jarig. Deze dag, donderdag 2 mei, is tegelijkertijd mijn laatste dag op het project. Dit zal een hele bijzondere dag worden. ’s Avonds vieren we naast mijn verjaardag ook onze goodbye-party en ga ik een heerlijk feestje bouwen om mijn geweldige avontuur in Afrika af te sluiten. Het zal een mooie maar ook emotionele dag worden.

Lieve mensen, ik zie jullie gauw!

Dikke kus Nina

Wolkenkrabbers in Afrika

 15 april 2013

Maandagmiddag, 10:10

Ik zit nu aan de eettafel. Hier eten wij ’s ochtends altijd brood met pindakaas en als je geluk hebt, heeft er iemand chocopasta meegenomen. De chocopasta is echter altijd binnen twee dagen op. Brood met pindakaas heb ik nu dus wel gezien. We krijgen in de ochtend ook altijd een kopje thee, alleen soms smaakt de thee ietwat raar, omdat het water in dezelfde pan wordt gekookt als waar we gister nog gehakt in hebben gebakken. ’s Middags krijgen we vaak warm te eten. Soms spaghetti, soms een gekookt ei, maar we eten ook ‘turn-over-bitches’ (wentelteefjes hihi). In de avond vaak rijst of zelfs hutspot en elke donderdag is het hamburgerdag. Ook hebben we een keer een traditioneel Malawiaans gerecht gegeten: nsima. Dat is een soort dikke bol gemaakt van maismeel en water. Dit alles wordt door onze huisvader en/of huismoeder gemaakt.

 

13 april 2013

Zaterdagochtend, 7:00

Ik rol uit mijn bed. Ik wrijf de slaap uit mijn ogen. Het is tijd voor een wasbeurt. Het is vrij koud deze ochtend, voor Afrikaanse begrippen. Ik vul een emmer met water en dwing mezelf dat donkere hokje in. Onhandig hang ik mijn handdoek en onderbroek aan het gespannen touwtje boven mijn hoofd. Ik kleed mezelf uit. Iedere keer als ik in dat hokje sta, bid ik weer dat er niemand zomaar dat hokje binnen komt stormen als ik net in m’n blote billen sta. Er zit helemaal geen slot op de deur. Zodra ik uitgekleed ben, plens ik het koude water over me heen. God, wat is dat koud. Gelukkig ben ik gauw klaar met wassen en bibber ik het hokje alweer uit. Nou dat viel toch best mee, Nina. Nu moet ik alleen nog mijn haar wassen. Gelukkig hebben we een kraantje, waar ik gewoon mijn hoofd onder houd en zo mijn haren was. Dat is zo gefixt. Ik ben weer schoon. Nu maar eens kijken hoe lang ik deze keer schoon kan blijven.

 

13 april 2013

Zaterdagochtend, 8:15

We staan op het punt om te vertrekken. Vandaag gaan we een dagje naar Blantyre. Het was Georges’ idee om te gaan en hij had een member meegevraagd. Anne en ik gingen ook mee. We hadden besloten om deze dag alles voor deze member te betalen, omdat hij geen rooie cent te makken heeft. We gaan op zoek naar een busje om richting de grote stad te gaan. Blantyre is een stuk rijkere stad dan waar ik nu verblijf, in Zomba. Er schijnen zelfs wolkenkrabbers te zijn, heb ik van horen zeggen. Wolkenkrabbers in Afrika, interessant! Op de busstopplaats wordt geschreeuwd en geroepen, want we moeten hún bus in. ‘Azungu you go to Blantyre?’. Verdwaasd kijken we onze member aan, gelukkig weet hij een goede bus naar Blantyre voor een mooi prijsje te regelen.

 

13 april 2013

Zaterdagochtend, 10:00

De bus is eindelijk vertrokken. Het werd tijd, we hebben een uur lang gewacht tot de bus vol was. En vol betekent hier ook echt VOL. Met z’n vieren op de bank, waar eigenlijk maar drie mensen op passen. We rijden, we rijden, we rijden. De weg is verschrikkelijk. Overal zijn gaten en hobbels in de weg. Op een gegeven moment wordt de chauffeur aangehouden door de politie. De hele bus kijkt ernaar. ‘Cola police’ fluistert onze member in mijn oor. ‘What? Cola police?’ Oh nee ik snap het al, hij bedoelt ‘corrupt police’. Die Afrikanen draaien de letter R en L vaak om. Corrupt police is dus collupt police. En ik heet dan bjivoorbeeld Nina Reek. En toen we het over the elections hadden… Kreeg het gesprek wel een heel bijzondere wending.

Het verbaast mij trouwens niet eens meer dat we corrupte politieagenten tegenkomen, ik ben het al bijna gewend.

 

13 april 2013

Zaterdagmiddag, 12:00

Eindelijk aangekomen in de grote stad. Ik zie nog geen wolkenkrabbers. We hadden gehoord dat er niet zo heel veel te doen is in Blantyre. We hadden van tevoren nog geprobeerd een high-tea te regelen. Ik heb eerst vier keer naar het verkeerde nummer gebeld en toen ik eindelijk het goede nummer te pakken had, kregen we te horen dat het volgeboekt was. Helaas, peanutbutter. Dus, had ik even bedacht dat het wel leuk zou zijn om naar het Malawiaanse museum te gaan! Anne en George hadden er vrij weinig zin in, maar ik heb ze enigszins gedwongen om mee te gaan. We komen aan bij het museum en de azungu’s moeten 200 kwacha betalen en onze member, de akoeda, hoeft maar 20 kwacha te betalen. Zie je dat al gebeuren in Nederland? De blanken hoeven maar een euro te betalen en de negers mogen alleen naar binnen als ze 5 euro betalen. Misschien is dat niet een hele eerlijke vergelijking, maar goed, jullie begrijpen de ironie.

 

13 april 2013

Zaterdagmiddag, 13:00

Het museum stelde vrij weinig voor, maar ik vond het leuk om te zien. Het is nu lunchtijd. Ik verkondig een paar keer duidelijk dat ik honger heb. Achteraf schaam ik me een beetje. Ik heb nog ontbijt gehad deze ochtend. Onze member heeft waarschijnlijk helemaal niks gegeten vanochtend. Vandaag doet volgens mij iedereen wat ik zeg, eerst naar het museum en nu gaan we op zoek naar de Kentucky Fried Chicken, omdat ík daar trek in heb. We komen bij de Chicken Inn, een nep-KFC. Ik kies voor een paar stukjes kip met patat en ik laat onze member ook kiezen. Hij voelt zich ongemakkelijk om te kiezen. Hij heeft helemaal geen geld om eten te kopen en hij weet dat wij het voor hem betalen. Wij hebben daar natuurlijk geen problemen mee, maar ik kan zien dat hij het moeilijk vindt. Hij kiest voor een of ander kip-menuutje en vraagt me twijfelachtig of hij ook wat drinken mag bestellen. Maar natuurlijk!

Uiteindelijk krijgen we het eten. Ik krijg het makkelijk op, maar het bord van onze member ligt nog halfvol. Ik zie dat hij het met moeite naar binnen werkt. ‘If you are full, you can just leave it.’ zeg ik tegen hem. ‘No I will eat it, you paid for it’. Hij propt en propt en uiteindelijk is zijn bord leeg. Het bedrag wat we voor zijn eten hebben betaald, is 3 euro. Hij had hier waarschijnlijk twee hele dagen van kunnen eten. Anne zegt ook dat als je honger kent of gekend hebt, je waarschijnlijk nooit zo’n bord eten zal laten staan. Ik vind het bijna erg dat we zulk ‘duur’ eten voor hem hebben gekocht. Heeft hij er wel van genoten, wetende dat hij met dat geld hele andere dingen had kunnen doen?

 

13 april 2013

Zaterdagmiddag, 14:00

We hebben onze buikjes rond gegeten en we zijn op zoek naar de volgende activiteit. De member neemt ons mee in de winkel ‘Game’. In deze winkel verkopen ze allerlei soorten elektronica. Van koelkasten tot flatscreen televisies. Ik weet niet zo goed waarom hij ons naar deze winkel heeft meegenomen. Ik word helemaal niet gelukkig van al deze dure dingen. Dit hoef ik toch helemaal niet te zien als ik in Afrika ben? Ik kan me ook niet voorstellen dat hij er zelf gelukkig van wordt. Al die mooie dure dingen die hij ziet staan, die hij toch never nooit van zijn leven in bezit zal hebben. Anne en ik worden naar van deze winkel en we gaan gauw de winkel uit.

Er is ook een bioscoop. Omdat ik weet dat er verder toch niet veel te doen is, stel ik de rest voor om naar de bios te gaan. De member en Georges gaan liever naar het voetbalstadion om een wedstrijd te kijken. Rond dit tijdstip draaien er eigenlijk alleen maar animatiefilms, maar dat maakt Anne en mij helemaal niets uit, wij willen naar de film! We kiezen de film ‘Brave’ uit, een film over een meisje dat prinses is en moet trouwen met een prins, maar dat helemaal niet wil. Klinkt als een standaard meisjesfilm, maar deze prinses is een toffe chick met pijl en boog. Het is een mooie zaal waar we in zitten met een groot scherm waar de film afgespeeld wordt. Maar het blijft Afrika hè. De film wordt afgespeeld in 3D, maar niemand heeft een 3D brilletje, haha! De hele film is dus een beetje wazig.

Het was lekker om weer even een filmpje te kijken, hoewel ik me toch wel weer heel erg ‘thuis’ voel in zo’n luxe bioscoop. Het was leuk voor even, maar liever niet meer. Ik ga wel weer lekker naar de film als ik terug in Nederland ben.

 

13 april 2013

Zaterdagmiddag, 16:00

Anne en ik moeten wachten op Georges en onze member die nog bij de voetbalwedstrijd aan het kijken zijn. Om onze tijd te vullen, gaan we maar weer terug naar de Chicken Inn om een ijsje te eten. Terwijl we op het terrasje in de zon een ijsje zitten te eten, komt er een jongetje in afgedankte kleren langs en graait in de prullenbak. Hij heeft iets te eten gevonden.

Anne en ik kijken ernaar en worden stil. We hebben al heel vaak straatkinderen in Zomba gezien. Geloof mij, veel. Nog nooit heb ik hen iets gegeven. Net als die corruptie is het voor mij bijna gewoon geworden dat die kinderen op de straat leven en om geld bedelen. Maar iedereen zegt me altijd dat je ze niets moet geven, omdat je dan het bedelen in stand houdt. Ik krijg het er benauwd van. In Zomba is iedereen arm en zijn er ook heus wel hele zielige bedelende kinderen. Maar dit is zo’n groot contrast. Zit je dan, je ijsje te eten, slechts om je tijd ergens mee te vullen, terwijl er naast je een kind uit de prullenbak zit te eten. Anne en ik hebben het erover en twijfelen of we het ijsje aan hem moeten geven. ‘Ja maar straks komt er nog een horde straatkinderen de hoek om die ook allemaal ijs willen.’ We twijfelen nog meer. Uiteindelijk kan het me niets meer schelen en loop ik naar het jongetje toe en geef hem mijn ijsje. Ik weet niet of het verstandig is. Dat maakt me ook eigenlijk niet zoveel meer uit. Hij heeft een lekker ijsje.

 

13 april 2013

Zaterdagavond, 20:00

We zijn weer thuis. We hebben zelf wat eieren gekocht als avondeten. De member die met ons mee is geweest, eet mee deze avond. Er zit nog een andere member bij het huis en omdat ik het zo lullig voor hem vind om hem niet mee te laten eten, vraag ik hem ook. Ik geef hem een ei en Anne en ik delen een eitje. Na het eten willen we een klein ‘feestje’ vieren. Het is de laatste avond als huisvader van Pachalo. We geven hem en de member die vandaag niet met ons mee was wat geld om frisdrank voor zichzelf te halen. Anne en ik pakken onze zakken chips erbij en het feestje kan beginnen. Het is gezellig. Op een gegeven moment slaat de sfeer om. De member die vandaag niet met ons mee was, heeft iets op facebook gezet. Het bericht is iets in de richting van: ‘Hoe kan het toch dat de rijkeren meer gezegend lijken door God?’. Dit was duidelijk gericht op ons, als azungu’s. Ik voel me er nogal lullig over. Wij hebben hem natuurlijk niet mee genomen naar Blantyre, maar wel iemand anders. Hij heeft geen maaltijd van ons gekregen in de Chicken Inn of een leuk bioscoopbezoekje. Anne en ik zijn er tegelijkertijd ook een beetje pissig over. Hoe kan hij nu zoiets denken? Ik snap het natuurlijk wel. Als je niets hebt, lijkt het natuurlijk alsof de rijke mensen altijd maar heel gelukkig zijn, want ze kunnen alles kopen wat hun hartje begeert. En hoezo verdient hij niet zo’n leuk dagje naar Blantyre?

 

15 april 2013

Maandagochtend, 11:40

Ik denk nog eens na over dit weekend. Het zou gewoon een gezellig dagje naar Blantyre moeten zijn geweest. Toch zat er uiteindelijk een vrij gespannen lading aan. Ik heb gezien hoe groot het verschil tussen mensen en steden in een land zelf al kan zijn. Natuurlijk is er een groot verschil tussen Nederland en Malawi. Maar dat het verschil tussen de stad Zomba en Blantyre, twee uurtjes rijden, ook al zo groot is, verbaasde mij wel. Ik vond het wel heel lastig om te zien. Het was al helemaal confronterend toen wij dat ijsje zaten te eten op het terras. Ik denk ook achteraf dat het geen goed idee is geweest een member mee te nemen en alles voor hem te betalen. Ten eerste omdat diegene zelf nauwelijks geld heeft en dan opeens ziet hoeveel vermogen wij eigenlijk hebben. (Wat eigenlijk niet eens per se waar is, in Nederland ben ik geen rijk persoon). Ten tweede omdat je de één uitnodigt en de ander(en) thuis laat en niets geeft. Ik heb er wel weer van geleerd. En ik heb misschien nu pas écht goed het verschil tussen rijkdom en armoede gezien.

 

Kusjes Nina