Ik ben slecht in titels bedenken

Hello, my dear blog readers! Ik verveel mij. Daarnaast heb ik ook geen internet op dit moment. Aangezien het ook weer hoog tijd werd een nieuw blog te posten, voel ik mij zeer gedwongen weer eens te schrijven. Nu moeten jullie het niet zien alsof ik mezelf dwing tot stomme dingen doen, slechts omdat jullie weer zitten te smachten naar een nieuw verhaal. Ik doe dit echt volledig uit vrije wil. Vol-le-dig. Dus hier komt ‘ie hoor. Zitten jullie er weer helemaal klaar voor om een geweldig meemaaksel van Nina Leek te lezen? Want het wordt weer een tof verhaal hoor! (Bluf, bluf, ik ben op dit moment heel hard aan het nadenken hoe ik nu weer iets leuks kan verzinnen).

Afgelopen week hebben we het bij Chedra lekker rustig aan gedaan. Maar we zijn daarentegen zeker niet onproductief geweest! We hebben ondanks de relaxte sfeer van alles en nog wat gedaan. Aan het begin van de maand maken we een planning, maar de lokale vrijwilligers hadden ons hierbij ook heel stevig op het hart gedrukt dat we flexibel moesten zijn. En inderdaad, zouden we eigenlijk een wasrek gaan bouwen, blijkt het dat we toch opeens een les moeten gaan geven. Ik dacht van mezelf dat ik dat continue aanpassen lastig zou vinden, maar dat kwaaltje is hier in Uganda totaal verholpen. Gaan we vandaag 500 kuikens vaccineren? Okeeuuuuu. Moeten we 3 uur wachten tot de taxi komt? Okeeeeuuuu. Ik vind het tegenwoordig allemaal best.

We hebben inderdaad afgelopen week meer dan 500 kuikentjes gevaccineerd en geteld. Dan moesten we een druppeltje antibiotica in hun oogje druppelen. Daarnaast hebben we ook bordjes met teksten gemaakt voor de school waar we vaak zijn. Teksten als: ‘Aids kills’ en ‘Say no to sex’. Ik ben het er natuurlijk totaal mee eens dat je dit soort bordjes rondom een basisschool plant.

We zijn ook de ‘community’ ingegaan. Je komt dan langs een paar huisjes en moet vervolgens een barre lange tocht door de jungle maken terwijl je wild met een kapmes om je heen slaat om de tijgers van je af te houden om vervolgens bij een vervallen kleien huisje aan te komen. Hier ga je kijken wat deze mensen nodig hebben. Een paar voorwaarden voor een compleet huis zijn: een stove (een soort fornuis van klei), een afwasrek, een afvalgat, een washokje etc. De dagen hierna zou het dan de bedoeling zijn dat je deze dingen daadwerkelijk voor hen gaat bouwen. Dit is nog niet helemaal gebeurd. Wel hebben we zo’n 3000 pinda’s gedopt die we vervolgens zelf mee mochten nemen… Nu doe ik natuurlijk net alsof dit bezoek niemand iets heeft opgeleverd, behalve een paar pinda’s, maar dat is absoluut onwaar!

Toen wij namelijk richting een huis liepen kwamen we twee kleine jongetjes bij een watertank tegen. Deze twee waren ongeveer 3 en 5 jaar oud. En je zult het misschien niet geloven (misschien ook wel), maar deze jongetjes waren water aan het halen voor het hele ‘gezin’! En dan zijn er in Nederland soms kinderen van 6 die nog in een buggy zitten! Het woord gezin staat tussen haakjes want hun moeder heeft hen verlaten en de vader wil geen geld aan ze besteden om ze bijvoorbeeld naar school te laten gaan. Nu is het hun oma die voor ze zorgt. Deze vrouw heeft erg haar best gedaan ze naar school te kunnen laten gaan, maar op een gegeven moment was simpelweg haar geld op. Je kon ook wel duidelijk zien dat ze erg arm waren.

De kleren van de twee jochies was amper nog kleding te noemen. Het waren vieze flarden die om hun lichaampjes heen hingen. Daarnaast hadden ze van die verschrikkelijk dikke buikjes. Dit wees blijkbaar naast ondervoeding er ook op dat ze waarschijnlijk heel erg wormen hebben. Nu zijn wij met z’n allen naar de markt geweest en hebben we kleding voor ze gekocht! Daarnaast heeft Rianne ook de juiste medicijnen voor ze gekocht. Je had die gezichtjes moeten zien toen ze de kleding aantrokken! Ze waren zo blij. Het voelde echt zo goed om dit te doen. Rianne en Merel hebben van hun donatiegeld nog meer kleding gekocht om meer kinderen te helpen!

Dit weekend heb ik heerlijk gerelaxed aan Lake Nabugabu met een paar andere vrijwilligers. Helaas kun je hier beter niet in zwemmen, omdat er nog steeds gevaar voor bilharzia is, zo’n vies wurpje dat je lichaam in kruipt bah! Hoe lekker het water er ook uitzag, ik heb liever geen beesten in mijn lichaam :) .

Nu zit ik voor twee daagjes bij een ander project, Lwengo. Ik had veel goede verhalen over dit project gehoord en was sowieso ook heel benieuwd hoe het er bij andere projecten aan toe ging. De eerste dag dat ik hier aankwam hebben we maar een half dagje gewerkt. We gingen de ‘reading club’ doen. Geen idee wat ik me daarbij voor moest stellen. Ja lezen, duh. Maar het bleek uiteindelijk dat we in het Engels moesten voorlezen aan kinderen. Dat is alles wat ik te horen kreeg. Toen werd er een boek in m’n handen gedouwd en zo’n 20 kinderen bij me gedumpt en LET’S GO! Ik werd er echt bloednerveus van. Is er niemand die mij vertelt wat ik precies moet doen? En waarom zouden ze naar mij luisteren? Ik stond er nu voor de eerste keer toch echt helemaal alleen voor. Wow, best eng zeg. Ik zette me schrap en ik ben begonnen aan het voorlezen van een verhaal over een bruiloft.

De kinderen deelden ongeveer één boek met zijn vijven. Volgens mij volgden ze het hele verhaal niet echt. Ik heb daarna omstebeurt een kind uitgekozen die vooraan de klas een paragraaf mocht voorlezen. Al gauw kwam ik erachter dat je hierbij niet de hele klas goed kon betrekken en dat de meesten uit hun neus zaten te vreten. Toen heb ik zelf lastige woorden uit de tekst uitgekozen en op het bord geschreven en de kinderen het op de goede manier laten uitspreken.

Daarnaast probeerde ik ze ook woorden uit te leggen. Bijvoorbeeld het woord ‘wrapped’. Eerst vertelde ik dat je cadeautjes ‘wrapped’ zijn, maar zulke cadeaus kennen ze hier niet echt. Toen bedacht ik me dat ze hier ‘matoke’ maken, een soort bananenprutje. Dit maken ze door de bananen in bananenbladeren te doen. ‘Matoke is wrapped in banana leaves’ had ik er toen van gemaakt. Ik hoop echt dat ik ze toch iets heb geleerd door dit lesje! Misschien niet bizar veel, maar hopelijk wel net dat ene woordje ‘wrapped’ bijvoorbeeld! Uiteindelijk vond ik het super leuk om te doen, ondanks dat ik het zo eng vond :) .

Vandaag was ook een leuke dag. Het eerste dagdeel hebben we geholpen in een health-clinic. Een wat oudere dame die ook bij Lwengo zit, heeft baby’s gewogen en ik heb samen met Simone, een leuke meid van 17, de administratie van de vaccinaties van de babietjes bijgehouden. Dit was echt super om te doen! Moeders kwamen met de kindjes binnen en leverden een formulier in. Simone en ik zorgden er dan voor dat bepaalde gegevens werden opgeschreven. De zuster gaf de kinderen dan vervolgens de vaccinatie en soms mochten Simone en ik zelf ook vitamine A geven! Dit deden we door heeeel professioneel een soort capsule met een naald te doorboren en de inhoud hiervan in het mondje van de baby te druppelen. Het was misschien niet heel lastig werk, maar wel super interessant en leuk om een keer gezien te hebben!

Ik heb weer een paar bijzondere dingen meegemaakt, die ik niet gauw zal vergeten. Ook heb ik even terzijde nog cassave en suikerriet gegeten, twee dingen die ze hier heel vaak eten. Dat suikerriet lijkt op een soort bamboestengel. Het heeft een hele harde schors, maar de Ugandesen rukken dat er zo af met hun tanden. Dan zit er daarbinnen een soort… spul waar je op moet kauwen en weer uitspugen. Er komt een soort heerlijke zoete sap uit, die eigenlijk precies naar rietsuiker smaakt (oh echt waar?).

Tot dusver de meemaaksels van Leekie in Uganda. Mijn tijd in Uganda zit er over anderhalve week alweer op. Time flies! Dan ga ik naar Malawi. Ik ben zo benieuwd hoe ik de verschillen tussen deze twee landen zal ervaren! Ik hoop nog een blogje te gaan schrijven voor ik naar Malawi vertrek, maar misschien heb ik daar wel helemaal geen zin in joh. Hee, wel een beetje flexibel blijven he ;) .

Groetjes, Namiya!

Ugandese cultuur

image
Nu ik hier een maandje zit, leer ik de cultuur beetje bij beetje steeds beter kennen. Vooral omdat je vrijwilligerswerk doet en daardoor veel in contact komt met lokale mensen leer je de cultuur echt goed kennen.

Wij wonen ook midden in de ‘community’. Onze buren zijn bijna allemaal vrouwen. Twee van de vrouwelijke buren hebben een kind. En de man? Die is nooit te bekennen. De mensen die om ons heen wonen zijn arm, ze wonen in een huisje met één bed. Ons prullenbakje met plastic flessen, gebruikte papieren en etenswaren wordt dagelijks geplunderd.

De plastic flessen worden vaak hergebruikt om bijvoorbeeld olie in te bewaren. De papieren en soms zelfs koekverpakkingen worden gebruikt om de billen mee af te vegen… Vaak vinden wij de inhoud van onze prullenbak dus ook terug in de latrines.

Als wij eten of kleren of iets anders overhouden geven wij dit vaak aan onze buurvrouwtjes. En je moest eens weten hoe blij ze zijn met een lap stof!
Heel af en toe komt de man van een van deze vrouwen toch even langs. In Uganda mag een man meerdere vrouwen hebben. Vrouwen staan hier onder de man en elke vrouw moet respect hebben voor mannen, andersom niet natuurlijk… Als een vrouw een (oudere) man bezoekt of tegenkomt moet zij voor hem buigen. Soms moeten meisjes ook voor oudere vrouwen buigen. Als man hoef je voor niemand te buigen. Ik was ook laatst op een schooltje waar een klein meisje voor mij boog. Ik vond het zo verschrikkelijk om te zien en ik wist ook niet hoe ik ermee om moest gaan.

Toen wij aan onze lokale vrijwilligers vroegen waarom mannen meerdere vrouwen mogen hebben was het antwoord dat er meer vrouwen dan mannen op aarde waren en dat de vrouwen over de mannen verdeeld moesten worden. Er werd mij ook een verhaal verteld van een oude gewoonte. Wanneer je als vrouw in het openbaar fluit, dat ze dan je ‘private parts’ weg mogen halen… Vroeger geloofden vrouwen hier zelfs dat ze een snavel konden krijgen als ze in het openbaar floten!
Nog iets anders wat ik wel bijzonder vind hier, is dat je bij je geboorte een zogenaamde clan toegewezen krijgt.

Je kunt bijvoorbeeld bij de leeuwen-clan, harten-clan of een of andere planten-clan (en nog veel meer) horen. Je mag niet je eigen clan eten! Ik behoor bijvoorbeeld tot de ‘mamba-clan’, een soort vis en die mag ik dus niet eten. Als je iemand tegenkomt van dezelfde clan, dan is dat jouw broer/zus/vader/moeder etc.

Je mag nóóit met iemand van dezelfde clan trouwen! Toen onze projectleider, Moses, vroeg of wij ook clans in Nederland hadden, was hij helemaal verbaasd dat het niet zo was. ‘Maar dan plegen jullie toch incest?!’. Het gevolg van het plegen van incest is volgens Moses dat het bijvoorbeeld winter wordt in Nederland. Daarnaast kun je natuurrampen veroorzaken en krijg je half zwarte, half witte kinderen. Toch best bijzonder dan dat ik geen duopenotti kinderen ken in Nederland en nog nooit een tsunami heb meegemaakt.
Soms vind ik de cultuur moeilijk te bevatten, maar ik snáp het wel.

Het land loopt nog heel erg achter en is niet zo modern en geëmancipeerd als het Westen. Wat ik écht lastig vind, is dat ze ónze visie gewoon totaal niet snappen. Wanneer je hen probeert uit te leggen hoe sommige dingen in Nederland gaan, verklaren ze je voor gek.

Stel je voor dat er opeens iemand naar jou toe komt om jou te vertellen dat je kunt vliegen. Dan verklaar je ze ook voor gek, omdat jij dat nog nooit zo hebt meegemaakt en zo ben je ook niet opgevoed. Maar dit is juist waarom ik zo graag naar een Afrikaans land wilde. Toch geweldig om te zien hoe mensen aan de andere kant van de wereld over sommige dingen denken?

Nee, natuurlijk ben ik het er niet mee eens. Maar dat zet me ook aan het denken. Hoe ontzettend gelukkig mag ik (als vrouw) zijn dat ik in Nederland ben geboren! En hoe blij mag ik zijn dat ik gewoon overal mag fluiten waar ik wil! Lang leve Holland!

Kusjes, Namiya (mijn Ugandese naam)

Het échte vrijwilligerswerk

Hoi! Ik heb natuurlijk al veel te lang niet geschreven! Maar daar kan ik eigenlijk niets aan doen… Ik was vorige week niet zo lekker geworden en heb toen op aandringen van Fleur en Eva toch maar een malariatestje gedaan. En ja hoor: ‘You have malaria, but not so much’. Gelukkig maar dat ik in ieder geval wist wat ik had! Dat weekend zouden we naar Lake Bunyoni gaan en heb ik mijn malariakuur meegenomen en daar afgemaakt. De eerste dagen daar voelde ik me slapjes maar de laatste dag van de kuur weer helemaal prima! Yes, ik ben van de malaria af dacht ik! Maar helaas… De dag erna was ik weer ziek :( .

dovenschooltjeIk wilde me niet aanstellen, want ik was immers net van de malaria af. Toen ben ik weer op aandringen van de anderen langs de dokter gegaan, gelukkig samen met onze top regiocoördinator Ruben. Daar kwamen we aan in een oranje halletje en werd ik bijna direct geholpen. De dokter vroeg aan mij of ik ooit maagzweren en buiktyfus had gehad… Ook of ik hiv positief was. Ehh nee meneer, dat heb ik allemaal nog nooit gehad. Toen ik mijn klachten vertelde zei hij telkens: ‘Oh I’m sorry.’ Waarop ik dan zei: ‘Ehhh it’s not your fault…’.

Uiteindelijk heb ik nog bloed laten prikken. Na eventjes wachten kwam de uitslag: Geen malaria (en waarschijnlijk nooit gehad), maar wel een vervelend bacterietje. De Brucellose bacterie. In Nederland zijn er daar maar 4 gevallen per jaar van, maar hier in Uganda toch wel wat vaker. De bacterie zit vooral in vee en vee in Nederland wordt goed gevaccineerd, maar hier helaas niet. Vervolgens heb ik zo’n gevaccineerde koe of varken op mijn bordje gekregen, die helaas niet goed doorbakken is geweest. Nu een maand lang aan de antibiotica olé! (En voorlopig geen vlees meer).

Ik heb dus de afgelopen dagen  niet heeel veel gedaan, omdat ik alleen maar een beetje op bed lag. Maar gelukkig afgelopen vrijdag hebben we nog wel iets heel bijzonders gedaan! Wij mochten lesgeven op een dovenschool. Ik vond het sowieso al heel bijzonder dat ze hier een dovenschool hebben, aangezien er al heel veel kinderen niet eens naar school kunnen, laat staan de dove kindjes. Toen we bij de school aankwamen, zagen we dat de school er echt heel goed uitzag (voor Ugandese begrippen). Prachtige schilderingen op de muren en ook de materialen die ze bezaten waren niet mis! Wat we ook heel opvallend (en vooral grappig) vonden, waren bepaalde teksten op de muren: ‘Virginity is healthy’ en ‘Manage your wet dreaming’.

Dat soort teksten zie je wel vaker staan, maar deze maakte ons wel een beetje aan het giechelen. Vervolgens zagen we een paar kinderen staan en wilden automatisch zeggen: ‘Hello! Oli otya?’. Maar dan besef je je dat ze je helemaal niet kunnen verstaan. Dan maar heel wild zwaaien. Er kwam een jongetje naar ons toe en begon aan onze armen te trekken en een soort kreungeluiden te maken. We wisten allemaal niet zo goed wat we daarmee aanmoesten. Later vertelde een leraar dat hij natuurlijk doof was, maar dat hij wel doorhad dat als ie geluid maakte dat hij zo de aandacht kreeg.

Na een rondleiding zouden we ook nog lesgeven. We waren al om 9:30u bij het schooltje, maar we zijn in Uganda… Dus mochten we pas om 12:00 beginnen met het lesje. We hadden een les bedacht over de Schijf van Vijf, gezond eten. Eerst wilden we het over hygiëne hebben, maar dat hadden waarschijnlijk de 50 vrijwilligers voor ons ook al gedaan. Ik vond het super spannend, want hoe geef je in godsnaam les aan dove kinderen? Natuurlijk was er wel een tolk bij, maar hoe maak jíj zo’n les dan leuk?

Gelukkig hadden Lisa, Fleur, Eva en ik wel iets leuks bedacht. Het zijn natuurlijk dove kinderen, ze horen niks. Dus waar speel je dan op in? Het zicht! Eerst vertelden we over ondervoeding en gezond eten en aan het einde deden we een quizje. Ze moesten nu zelf de voedingswaren in de schijf van vijf invullen. Dit deden we door de voedingswaren aan ze te laten zien (we hadden een ei gekocht, een zak rijst, water, fruit, groente, zout, etc.).

Degene die de meeste goed had won een prijsje! De meesten deden goed mee en uiteindelijk hadden we een winnaar. Omdat ik bang was dat ze het na deze les allemaal weer zouden vergeten, heb ik voor iedereen een blaadje gemaakt met de schijf van vijf erin en de regels die je moet onthouden bij gezond eten. Nu maar hopen dat ze er geen vliegtuigje van vouwen, maar er echt iets van opsteken!
De eerste maand is alweer voorbij. De vrijwilligers van deze maand zijn eergisteren vertrokken en morgen komen de nieuwe aan. Helaas hebben we afscheid van Fleur genomen en ook een beetje van Eva. Nu zit ik met Lisa in Masaka backpackers en hebben we gisteren heerlijk luxe aan het zwembad gezeten. Na ziek zijn en goed werk op het dovenschooltje verdien ik zoiets wel! Hopelijk kan ik volgende week weer hard aan het werk zodat ik weer een excuus voor het zwembad heb ;) .

Groetjes! XXX

Een dagje Uganda

Hoi lieve mensen,
ik heb al veeel te lang geen blogberichtje geschreven, want ik heb het zo druk! Ik wil liever al mijn stories met jullie delen, maar heb er nauwelijks tijd voor joh! Ik wil hierbij een beeld van een gemiddelde dag in Uganda bij het project Chedra proberen te schetsen.

7:30u De wekker gaat. Meestal draai ik me dan eerst nog even zeven keer om, voordat ik er daadwerkelijk uitkom. Dan hoop ik voor mijn huisgenootjes dat ik met het goeie been uit bed stap, want anders mag ik ze verblijden met een heerlijk ochtendhumeur :D . Daarna dek ik soms de tafel voor het ontbijt, ‘douche’ ik mij of was ik mijn ondergoed (we hebben een wasvrouwtje, maar je ondergoed door haar laten wassen, dat kan natuurlijk niet he!!!!).

8:16u We gaan ontbijten. We hebben helaas geen koelkast en is hartig beleg op brood dus niet mogelijk. Daarnaast is het brood ook nog eens VIES. Dus mijn heerlijke otbijtje begint met een droge boterham met jam, pindakaas of nutella. En ik kan je vertellen dat dat op een gegeven moment echt je strot uitkomt :D !

8:45u We doen snel de afwas en moeten gauw aanstalten maken om richting het project te gaan. Maar op zich hoeven we ook weer niet al te snel te zijn, want de Afrikanen zijn ook altijd te laat. Het is ongeveer 10 minuten lopen en onderweg komen we standaard een paar koeien tegen en een paar van onze kleine fans (kleine kindertjes die ‘Bye Mzungu!’ roepen en je hand vast willen houden).

9:10u Om 9′o clock sharp horen we eigenlijk aanwezig te zijn bij ‘The office’, maar voor Afrikaanse begrippen zijn we keurig op tijd. Dan begint….. The devotion! Iedere dag om 9u ‘s ochtends moeten we bidden. We lezen dan een stukje uit de Bijbel en gaan daar dan over discussiëren. Soms moet een van ons ook een gebedje doen. Aan het begin was dit nog allemaal een beetje ongemakkelijk, omdat we allemaal niet gelovig zijn. Toen zaten we te giechelen als een van ons moest bidden voor de rest. Ik maakte aan het begin ook de fout door te zeggen dat ik niet in God geloofde… Gelukkig corrigeerde Eva me gauw dat ik maar beter kon zeggen dat dat wel zo was, want anders zijn ze een uur bezig je te overtuigen om in God te geloven. Gelukkig ben ik helemaal bijgedraaid, want vandaag heb ik aan de rest toegegeven dat ik ook God’s kind ben.

10:00-16:00u In deze uren zijn we bezig met de projecten. Het verschilt per dag een beetje wat er te doen is en hoe laat we klaar zijn. Als het regent wordt sowieso alles stilgezet. De laatste tijd zijn we bezig geweest met een bruder/broeder(?) voor kuikentjes. Om hier even op in te haken met een voorbeeld van een typische Afrikaanse gewoonte: Eerst doen dán pas denken. We waren namelijk al twee volle dagen bezig om deze bruder te maken. Toen we al best ver waren kwamen ze erachter dat dat toch niet zo’n goeie plek was omdat er ‘beestjes’ zaten. Toen hebben we alles moeten afbreken en totaal overnieuw moeten beginnen… Dat hadden ze dus best eerder mogen bedenken! Een andere keer hebben we een jjajja (een oude vrouw/oma) geholpen om een nieuw washokje te bouwen. We hebben het oude verrotte washokje afgebouwd en met takken (van een zelf-omgehakte boom!) en bananenbladeren een nieuwe gebouwd. Zoals je al hoort, is het alsnog super primitief wat je voor zo’n vrouwtje maakt. Je bevindt je daar ook in een soort bush-bush. Dus het was ook wel heel grappig toen die vrouw plotseling met een hypermoderne röntgenfoto van haar borstkas kwam aanzetten. Ze wilden namelijk van de mzungu’s weten wat er met haar mankeerde (alsof de blanken álles weten hihi).
Daarnaast willen wij binnenkort een lesje gaan geven over HIV/aids. Wij zijn al een paar keer op het schooltje geweest om  bijvoorbeeld onkruid te wieden (ja, dat is dus blijkbaar ook vrijwilligerswerk). Toen trok het onze aandacht dat er een onduidelijke boodschap op de latrines van de kinderen geschreven was. Er stond met uitgevaagd stoepkrijt geschreven: ‘Please wash your hands after using the latrine’. Dit is natuurlijk een belangrijke boodschap! Die kinderen moeten goed weten dat het erg hygiënisch is om je handen na ieder toiletbezoek te wassen. Alleen staat de boodschap er zo onduidelijk… Daarnaast hébben ze er niet eens de gelegenheid om hun handen te wassen. Nu hebben wij bedacht, dat we met het ingezamelde geld van Eva en Fleur, die latrine heel leuk en kleurig te gaan verven en dat we de boodschap er dan heel duidelijk op gaan zetten. Dan willen we daarnaast een tippy-tap maken. Dat is een soort handen-was-systeem. Super leuk om te doen en goed voor de kindertjes!

17:00u Rond deze tijd gaan we meestal met de boda boda naar Masaka town om grocery shopping te doen. Dit moet bijna iedere dag omdat we ten eerste geen koelkast hebben om voor langere termijn dingen te kopen. En ten tweede hebben we iedere dag zo’n 10 liter drinkwater nodig. Dit is soms wel zwaar omdat je je al de hele dag fysiek hebt lopen inspannen. Vooral vervelend als je dan al zo moe bent en op de groentemarkt moet gaan afdingen voor 20 cent omdat je toch echt weet dat ze je anders afzetten.

18:30u We koken of we eten bij een van de twee Westerse restaurantjes ‘Plot 99′ of ‘Frikadellen’. Hier gaan we vaak heen als we te lui zijn om te koken of als we simpelweg trek hebben in een cheeseburger met patat.

20:00u Vóór acht uur ‘s avonds moeten we echt weer terug zijn bij ons huisje. Om 20u is het namelijk al donker! En als mzungu is het heel gevaarlijk als je in het donker nog over straat gaat. Soms is het wel lastig dat het zo vroeg al donker is, aangezien we nog steeds geen elektriciteit hebben. Daarnaast is de latrine in het donker ook doodeng (kakkerlakken)!!! Meestal zetten we dan met z’n vieren ons hoofdlampje op en gaan gezellig kaarten met een kopje thee.

21:00-22:00u Nu is het zo ongeveer al bedtijd. Dat klinkt vroeg, maar hier zijn dat normale bedtijden. Soms bel ik nog even met mijn lieve papa, mama en zusje en dan kan ik gerust slapen. Meestal slaap ik dan nog niet helemaal meteen, want dan lopen er nog twee baby’s te krijsen of een paar vrouwen staan om 12u ‘s nachts tegen elkaar te schreeuwen. Thank god, dat ik oordopjes mee heb!

Dan gaat de volgende dag de wekker weer en begint het hele riedeltje opnieuw! Nee dat is niet helemaal waar, want iedere dag is anders. En dat is wat het voor mij heel leuk maakt, je weet nooit wat je kunt verwachten. Soms zijn het vervelende dingen, zoals iemand die naast de latrine heeft gekakt, maar soms ook hele leuke dingen. Vandaag was er bijvoorbeeld een jongetje die totaal onder de indruk was van ons fototoestel en daar kan ik dan echt blij van worden. Het zijn juist die kleine dingetjes die je dag leuk of bijzonder maken.

Voor de mensen die dit hele lange bericht hebben gelezen: bravo! Laat een berichtje achter als je tot hier bent gekomen hihi. Dat vind ik leuk om te weten!

KUSJES!

Kakkerlakjes

Sommigen hebben het waarschijnlijk al gelezen op mijn facebook, maar afgelopen week hadden wij een kakkerlakken-attack. De avond voor het hele gebeuren hadden Lisa en ik al een paar dikke kakkies gespot in de latrine (het gat in de grond dus). Even later kroop er doodleuk ook eentje over de bank heen. Toen hebben wij de dag erna onze projectcoördinator vriendelijk verzocht actie te ondernemen. Tom, een van de local volunteers,  is toen flink losgegaan met de anti-cockroach giffen in de latrine.

En wat er toen gebeurde blijft denk ik voor altijd op mijn netvlies gebrand. De kakkerlakken kwamen met honderden tegelijk de latrine uitgeklommen. Aangezien ik met drie andere vrouwen het huisje deel, bleven een paar gillen en tranen niet gespaard. De vieze beesten krioelden in het rond en we wisten niet wat we moesten doen. Het erge was nog dat er kleine kindertjes langskwamen om even doodleuk met een platgestampte kakkerlak te spelen (iiiiiieeew!!!). Gelukkig mochten wij die nacht ergens anders overnachten. Nu hadden sommigen van jullie zo’n soort cockroach-attack misschien ook wel zien aankomen. Maar je moet je even voorstellen dat we nog maar net aan het idee waren gewend dat we dáár toch echt onze behoefte moesten doen, we geen elektriciteit hadden en we ons toch echt met één bak water moesten wassen in het hokje waar alle Afrikanen naar onze blote Mzungu billen door het gaatje konden gluren.

Dan is zo’n dergelijke insectenoorlog net even teveel om gelijk allemaal te verwerken.  Gelukkig heb ik ondanks de kakkies de afgelopen dagen niet meer last gehad van erge heimwee en probeer ik te genieten van grappige Ugandese gewoontes. Ze hebben hier boda boda’s, een soort motortjes die je overal naartoe kunnen rijden (voor meestal maar 30 cent!). Ze zijn een beetje te vergelijken met Aziatische tuk tuk’s. Je kunt dan eigenlijk maximaal met z’n drietjes op een boda boda, maar die gekke Ugandesen doen het soms zelfs wel met z’n vijven! Natuuurlijk is dat eigenlijk verboden, maar als de politie je aanhoudt, werp je hem even 10.000 UGX toe en je mag weer verder rijden. Nu was ik eerlijk gezegd vandaag in zo’n vergelijkbare oververpakte-voertuig-situatie. Wij zijn namelijk vandaag naar een soort opening van een nieuw ziekenhuis gericht op HIV en aids geweest, gesponsord door een hele lelijke rijke Amerikaan.

Dat was best bijzonder om bij te zijn, ook al werden er 67 doodsaaie speeches gehouden waarvan de helft in het Ugandees. Maar het was wel heel leuk aangezien de first lady, de vrouw van de president van Uganda, er ook bij aanwezig was. En daarnaast kwam er een famous Ugandese zanger optreden. Wat wel heel erg apart was aan dit optreden, was dat er tijdens zijn optreden vrouwen naar hem toe kwamen om hem geld te geven. Die man had zijn zakken vol na het optreden! Wat ook vrij frappant was, was dat er een aids-dokter was en die ging ook een liedje zingen en een dansje doen… Maar waar ik dus naartoe wilde gaan met dit verhaaltje, was de terugweg van deze opening naar ons huisje.

Wij moesten namelijk een taxi zien te vinden in de drukte en dat terwijl het 100 graden was. Nu had Teddy, iemand van ons project, eindelijk een taxi gevonden… Maar daar zaten al vijf mensen in en wij waren met z’n vieren. De Ugandese oplossing: met z’n negenen in een vijfpersoons auto. Nu moet ik zeggen dat dit niet een van mijn prettigste ervaringen is geweest, maar wel heel leuk om thuis te vertellen :) !

De eerste dagen

En dan is het moment er toch écht aangekomen; je moet afscheid nemen. Je weet dat het eraan zit te komen en hebt je er een jaar lang op voorbereid en toch blijft het verschrikkelijk. Zodra je de hoek omgaat bij de douane, weet je dat je deze mensen waar je zoveel van houdt nu voor vier maanden lang niet zal zien. Dat was niet leuk.

Gelukkig kwam ik al huilend bijna direct mijn reismaatje tegen en stopte ik al gauw met snikken.  Eenmaal in het vliegtuig kom ik naast een Canadese vrouw te zitten en een jongen uit de VS. De vrouw, 45 jaar oud, was een biologe en had twee kinderen. Een dochter en een zoon met autisme. Daarnaast was ze ook een kletsmajoor. De jongen kwam uit Tennessee en was even oud als ik.

Hij vertelde mij dat het altijd warm was waar hij woonde. Vandaar dat hij waarschijnlijk met een ultra dikke jas in het bloedhete vliegtuig zat. Na een lange lange vliegreis kom ik samen met mijn reismaatje Danielle aan op het Ugandese vliegveld. Gelukkig had zij net als ik nog een visum nodig. Hierna lopen we verder en daar staan Ruben en Kim van Be More ons op te wachten. We krijgen van hen een simkaart en nog wat belangrijke papieren. Vervolgens konden wij onze euro’s bij de bank inwisselen voor Ugandese shilling.

En raad eens?! Sinds die dag ben ik miljonair! Ongeveer 300 euro is namelijk al miljoen UGX. Ik denk dat ik dat nooit meer in mijn leven kan zeggen. Wij komen ‘s avonds aan bij ons hostel en we springen direct ons bed in. Ik heb het op dit moment wel even heel erg moeilijk. Ik denk aan het afscheid van die ochtend en vraag me heel erg af wat ik hier in godsnaam duizenden kilometers van mijn lieve familie, vrienden en allerliefste vriend af doe. Ik probeer de gedachtes van me af te zetten en langzaam val ik in slaap op het schuimrubberen kussen.

De ochtend daarna voel ik me al iets beter en dan zie ik een wild aapje met zijn jonkie door het prikkeldraad klauteren. Ja, ik ben echt in Uganda. Deze dag gaan we met de vrijwilligersgroep die hetzelfde weekend zijn aangekomen naar Kampala, de hoofdstad van Uganda. We krijgen een rondleiding door de stad van Steve, een grote vriendelijke Ugandees. We arriveren eerst bij de fruitmarkt. Ik voel al direct duizenden ogen in onze ruggen prikken. We zijn de enige blanken op de markt. Steve komt al gauw aanzetten met een stuk fruit dat ik nog nooit eerder heb gezien. Het heeft iets weg van een stuk ananas. We zien dat het stuk uit een grote stekelige vrucht komt zo groot als een dikke baby. Het fruit smaakt echt heel lekker en zoals ik nog nooit eerder heb geproefd. Daarna kregen we de allerlekkerste zoetsappigste ananas ooit te eten. Die in Nederland zijn er niets bij.

En jaaaazeker! Ik heb ook sprinkhaan gegeten (wel drie zelfs)!  Na een tijdje lopen laat Steve ons tussen de steegjes en modder een andere mega markt zien. Alle mannen roepen: ‘Mzungu!’ (Wat blanke betekent) en ze trekken aan je armen voor aandacht. Ik heb me nog nooit zo blank gevoeld. Het is alsof ze van 100m afstand een lopende geldboom zien aankomen. Nu heb ik op dat moment natuurlijk ook een miljoen bij me, maar nee sorry, ik hoef geen nieuwe schoenen gemaakt van autobanden. Als laatste laat Steve ons nog de taximarkt zien en een allerlaatste marktje. ‘s Avonds eten we met de hele groep in een restaurant en heb ik slechts voor 6 euro gegeten!  In de avond begin ik het toch weer moeilijk te krijgen en beginnen de tranen weer te rollen. Ik heb wel eindelijk beltegoed gekocht alleen komen de smsjes naar mijn moeder niet aan… Dan besluit ik Milo te bellen en natuurlijk zit ik weer heerlijk te janken.

Maar daarna voel ik me een stuk opgeluchter en ga ik lekker slapen.  Nu zit ik in de bus en ben ik op weg naar Masaka, waar ik de komende twee maanden zal verblijven. Morgen begint het vrijwilligerswerk dan echt! Ik ben verschrikkelijk nerveus, want ik vraag me nog steeds af of ik wel de goede keus heb gemaakt dit te doen. Ik laat jullie gauw weten hoe het binnenkort allemaal met me gaat!   Groetjes en liefs!  (Nog heeeel erg bedankt voor al jullie lieve berichtjes op mn blog! Ik heb helaas nog geen tijd gehad erop te reageren, maar ik heb ze allemaal gelezen hoor!)

Luxe problemen

Nog VIJF dagen en dan vertrek ik!!!!

En vandaag, dames en heren, ben ik begonnen met mijn tas in te pakken. Zo ziet mijn kamer er nu uit:

kamer

Ik moet nog wel heel hard nadenken wat ik nu wel en niet mee ga nemen. Heb ik een pincet nodig om mijn wenkbrauwen te epileren? Een vijl om mijn nagelhaakjes weg te werken? Mogen mijn onderbroeken met een beetje panterprint en kant zijn, of moet ik alleen van die katoenen aerodynamische oma-onderbroeken mee?  Natuurlijk neem ik op deze reis veel minder luxe dingen mee dan toen ik deze zomer naar Ibiza ging; dertig paar oorbellen, tien paar schoenen,vijftig soorten mascara en ga zo maar door. En ik verwacht eigenlijk niet dat ik in Oeganda en Malawi iedere dag uitgebreid voor de spiegel sta om mijn make-up te perfectioneren, maar ik wil ook niet dat ik later terugkijk naar alle foto’s en zie dat ik rondliep met een monobrow (één doorlopende wenkbrauw). Maar natuurlijk moet ik niet vergeten dat ik vrijwilligerswerk ga doen en geen modeshow ga lopen. Jaaaa de dilemma’s van een meisje!

Daarnaast vind ik kleding uitkiezen voor deze reis ook aardig lastig… Vrouwen mogen namelijk tijdens het werken niet met ontblootte knieën rondlopen. En naakte schouders worden ook niet echt gewaardeerd. En dan te bedenken dat het daar gemiddeld 30 graden is! Gelukkig heb ik al van een paar heeele lieve mensen wat kleding gekregen die tot over mijn knieën komt :)

Ik ga nog eens even heel hard aan de slag om de laatste dingen voor mijn reis te kopen, in te pakken en de allerlaatste puntjes op de i te zetten. Ik hoop heel erg dat ik de komende weken ietwat interessantere spannendere verhalen en foto’s kan plaatsen. En dat ik jullie niet meer hoef lastig te vallen met dilemma’s over mascara en ondergoed maar eerder met een dilemma over of ik die sprinkhaan nou wel of niet kan eten.

Liefs! Nina

 

Spannend…

Hallo lieve mensen!

Ik vond het wel eens tijd worden voor mijn allereerste blogberichtje. Voor jullie om even aan mijn blog te wennen en ook voor mijzelf om te wennen aan het idee dat jullie straks alles kunnen lezen wat ik meemaak :) .

Ik ga zoals velen van jullie waarschijnlijk al wisten, en zoals de titel van dit blog al een beetje verklapt, voor vier maanden naar Uganda en Malawi. De eerste twee maanden naar Uganda en daarna nog twee naar Malawi. Ik ben stiekem best wel zenuwachtig en bang, want ik heb geen idee wat mij te wachten staat… Zullen er leuke gezellige mensen aanwezig zijn? Zal ik daar ziek worden?  Word ik straks omringd door 1000 malariamuggen? Of door grote zwarte mannen die maar al te graag mijn blanke huidje willen aanraken? Daarnaast weet ik eerlijk gezegd ook niet eens echt wat ik daar ga doen! Iedere keer wordt mij de vraag gesteld: ‘Oh echt waar? Vrijwilligerswerk, wat leuk! Wat ga je dan precies doen?’. Waarop mijn antwoord elke keer weer hetzelfde luidt: ‘Uhhhh, ja weet ik niet, het is maar net wat er daar nodig is…’ Straks sta ik daar beerputten leeg te scheppen of blote billen van oude oma’s te wassen. Niet dat daar iets mis mee is natuurlijk… Ik roep immers zelf de hele dag dat ik zal doen wat er daar nodig is ;) .

Maar ik wil jullie hierbij heeeel graag op de hoogte houden van al mijn avonturen en meemaaksels! En ik zal jullie zeker laten weten of ik daadwerkelijk straks billen sta te wassen van oude dametjes hihihi.

Kusjes!

(Ik zal eerst bij het project Chedra zitten in Uganda en daarna bij LIYO in Malawi. De organisatie waarmee ik ga is Be More.)